Schoolreglement

1. Ons Opvoedingsproject

 

Wij verwachten van alle ouders dat ze loyaal achter de identiteit en het pedagogisch project van onze school staan en deze mee dragen.

Hieronder vindt u een beschrijving van de uitgangspunten van ons pedagogisch project. U kunt steeds terecht bij de directie voor verdere informatie.

 

1.1. De uitgangspunten van onze christelijke identiteit.

Wij zijn een katholieke school en willen een pedagogisch verantwoord onderwijs en een kwaliteitsvolle opvoeding aanbieden. Onze inspiratie vinden wij in het evangelie  en in de katholieke traditie. Wij zijn een dienst van de kerkgemeenschap aan jonge kinderen.

Wij  gaan ervan uit dat je mens wordt in een verbondenheid met anderen, met de wereld en met jezelf. In deze verbondenheid ervaren we God  als dragende grond  en krijgt ook de verbondenheid met het mysterie concreet gestalte. Vanuit onze verbondenheid met God durven we als katholieke basisschool de toekomst hoopvol tegemoet zien en vertrouwen we erop dat onze inspanningen niet op niets uitlopen.

Vanuit ons christelijk geïnspireerd mensbeeld geven we voorrang aan waarden als:

  • Het unieke van ieder mensenkind.
  • De verantwoordelijkheid van ieder mens voor zijn handelen.
  • Verbondenheid en solidariteit met anderen.
  • Vertrouwen in het leven (hoop).
  • Genieten van en dankbaar zijn voor wat ons gegeven is.
  • Openheid, respect en zorg voor mens en natuur.
  • Verwondering door het gewone als ongewoon te ervaren.
  • Vergeving kunnen geven en ontvangen als herstel van verbondenheid.
  • Zorgzame nabijheid en troost voor mensen in moeilijke situaties.

Wij bieden in onze school gevarieerde en zinvolle pastorale activiteiten aan.

We nodigen alle leerlingen regelmatig uit op activiteiten die gericht zijn op:

  • de ontmoeting van elkaar in verbondenheid;
  • de verdieping in de Bijbelse Boodschap;
  • de dienstbare en solidaire inzet voor anderen dichtbij en veraf;
  • het vieren van belangrijke gebeurtenissen in het leven op school, in verbondenheid met elkaar en (waar het kan) in verbondenheid met God.

In de godsdienstlessen die door alle leerlingen verplicht gevolgd worden komt de christelijke levensbeschouwing uitdrukkelijk ter sprake. De godsdienstlessen ondersteunen de levensbeschouwelijke ontwikkeling van de kinderen. Ons doel is de kinderen te helpen om competente vertellers te worden  van het levensbeschouwelijke in hun eigen levensverhaal. We brengen kinderen thuis in de verhalen uit de eigen traditie, en leren hen de verbinding te leggen tussen deze verhalen en de existentiële vragen  en grenservaringen uit het eigen leven en uit het leven van andere mensen. Dat veronderstelt communicatie. Het inzicht in de eigen traditie kan verdiept worden door de dialoog met andere levensvisies.

Zonder de verankering in een traditie heeft de dialoog echter geen grond onder de voeten.

Er bestaat geen levensbeschouwelijke benadering van de werkelijkheid los van een levensbeschouwelijke traditie. In onze school opteren we uitdrukkelijk voor de benadering van de levensbeschouwelijke dimensie vanuit de christelijke  godsdienst en de katholieke traditie. Ook de zinvragen die zich aandienen in de andere leergebieden komen daar uitdrukkelijk aan bod.

 

1.2. Wij zorgen voor een degelijk en samenhangend inhoudelijk aanbod.

We staan stil bij wat kinderen moeten leren om op te groeien tot ‘goede’ mensen.

De uniekheid van elk kind staat voorop. Ons aanbod is gericht op de harmonische ontwikkeling van de totale persoon: hoofd, hart en handen.

Doorheen ons aanbod brengen we kinderen in contact met alle componenten van de cultuur :         

de wereld van taal en communicatie, de wereld van het muzische, de wereld van cijfers en feiten, de wereld van de techniek, de wereld van het samenleven, de wereld van verleden en heden, de wereld van het goede, de wereld van zingeving

In ons aanbod is een logische samenhang te vinden: We werken met leerlijnen waarin het ene logisch volgt uit het andere. We bouwen voort op wat kinderen reeds beheersen. We zorgen er ook voor dat alles wat kinderen leren in de verschillende leergebieden en leerdomeinen zinvol samenhangt.  We willen dat wat kinderen leren deel wordt van hun zijn, van hun persoon. Het is niet voldoende dat kinderen beschikken over een aantal weetjes of dat ze een aantal< vaardigheden kunnen toepassen als de leerkracht het vraagt. Waar het uiteindelijk op aan komt, is dat kinderen leren met het oog op het leven. Dat ze de dingen die ze leren kunnen plaatsen en gebruiken in hun leven. Dat is leren dat zin heeft en zin geeft.

1.3. We kiezen voor een doeltreffende aanpak en een stimulerend opvoedingsklimaat.

We zoeken naar de beste aanpak om het leren van de kinderen te ondersteunen en te begeleiden. Wij nemen kinderen serieus. Kinderen staan positief tegenover het leven en de wereld. Wij willen aansluiten bij die positieve ingesteldheid.  Leren is niet een vullen van vaten met alle mogelijke kennis. Kinderen zijn zelf actief betrokken in het leren. Ze bouwen nieuwe kennis, inzichten en vaardigheden op, bouwen voort op wat ze reeds kennen en kunnen.

Onze opvoeding wordt gedragen door:

  • Onze gerichtheid op de uniekheid van ieder kind.

We stemmen ons aanbod en het leerproces zoveel mogelijk af op de ontwikkeling van ieder kind.

  • De pedagogie van verbondenheid.

Leren is een sociaal gebeuren. Leren is samenleren, wederzijdse verrijking.

  • De pedagogie van de hoop.

We hebben een optimistische visie op de ontwikkeling van kinderen. We geloven in de groeikansen van kinderen en dat ze ondanks  hun grenzen, hun beperkingen, hun onmogelijkheden toch kansen hebben en begeleid kunnen worden in hun groei.

  • De pedagogie van het geduld.

Onderwijs en opvoeding afstemmen op de mogelijkheden van kinderen vraagt veel geduld opdat de hoop niet zou omslaan in wanhoop, want dan is opvoeding onmogelijk.
Van onze leerkrachten verwachten we dat ze:

  • Model staan voor goed leren
  • Strategische vragen stellen
  • Aansluiten bij wat leerlingen reeds beheersen
  • Zinvolle contexten aanbieden
  • Interactieprocessen begeleiden
  • Peilen naar de vorderingen
  • Helpen en coachen

 

1.4. We werken aan de ontplooiing van elk kind, vanuit een brede zorg.

‘IEDEREEN is IEMAND’

Al onze kinderen op school zijn anders, uniek, niet alleen van uiterlijk, maar ook innerlijk!

Uiterlijke kenmerken kunnen we onmiddellijk zien, het innerlijke zit vanbinnen en is daardoor niet altijd duidelijk zichtbaar!

Toch vinden wij het ook belangrijk te weten wat er binnen in het kind leeft.  Vandaar dat een belangrijke pijler in onze school welbevinden is.  Voelen de kinderen zich wel goed op onze school?  Wat kunnen we doen opdat ze zich beter zouden voelen?

We streven er op onze school dan ook naar om alle kinderen individueel aan te spreken en op te volgen.  Onze kinderen zijn geen nummer in de rij, maar een persoon met een naam en een inhoud!!  Een tweede belangrijke pijler: zijn ze betrokken bij het klasgebeuren?  Schoolgebeuren?  Spreken we hen aan in wat ze moeten leren?  Sluiten we voldoende aan bij hun leefwereld?  Hebben we voldoende aandacht voor wat zij willen leren?

 

‘IEDEREEN heeft recht op zorg’

Er zijn twee soorten zorgvragen.  Een eerste soort zijn de ‘gewone zorgvragen’

Ieder kind heeft zijn vragen en problemen.  Daarvoor willen we AL onze kinderen omringen met de zorgen die zij nodig hebben.

Het is voor ons als school, directie en leerkrachten een hele uitdaging om ons onderwijs zo goed mogelijk af te stemmen op al de noden van onze kinderen.  Het vraagt immers heel wat meer inzet dan gewoon maar een lesje geven!

Een tweede soort zijn de ‘bijzondere zorgvragen’.  Er zijn kinderen die extra noden hebben omdat hun ontwikkeling anders verloopt dan verwacht (sneller of trager)  Vandaar ...

 

‘SAMEN zijn we sterk’

Voor deze laatste zorgvragen, werken we samen met ouders, CLB, Buitengewoon onderwijs, logopedisten, revalidatiecentrum en andere gespecialiseerde centra.  SAMEN proberen we oplossingen te zoeken die de schoolse loopbaan van onze kinderen zo aangenaam mogelijk maakt.We proberen ook onze werkwijzen zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen.

 

‘Open kaart spelen’

En natuurlijk de ouders, die heel wat vertrouwen hebben in onze school, willen wij niet teleurstellen.  We proberen en willen hen een zo duidelijk en eerlijk mogelijk beeld geven over de ontwikkeling van hun kind.  Zij hebben het recht te weten wat er op school met hun kind gebeurt. 

 

1.5. Onze school als gemeenschap en als organisatie.

We erkennen onze partners in de opvoeding en het onderwijs van kinderen. We respecteren

ieders verantwoordelijkheid. We zorgen voor een goede organisatie.

Onze school wordt gedragen door het hele team onder de leiding van de directie. We werken

samen, overleggen en streven naar een voortdurende kwaliteitsbewaking en –verbetering.

We delen onze zorg voor kwaliteitsvol onderwijs met:

  • de ouders als eerste verantwoordelijken voor de opvoeding van hun kinderen. Daarom streven we naar een goede communicatie en een zo groot mogelijke betrokkenheid van ouders bij de school;
  • het schoolbestuur dat de eindverantwoordelijkheid draagt voor het beleid van de school;
  • externe begeleiders die ons ondersteunen, vormen en ons helpen bij onze professionalisering;
  • de lokale kerkgemeenschap die verwijst naar de traditie en het geloof van waaruit in de school gewerkt wordt;
  • de lokale gemeenschap waarin we gestalte geven aan onze opvoedings- en onderwijsopdracht.

 

2. Schoolorganisatie

STRUCTUUR VAN DE SCHOOL

VBS Borsbeke
Provincieweg 73B, 9552 Borsbeke
Telefoon: 053/62.43.77
E-mail: vbsborsbeke@telenet.be
Website: www.vbsborsbeke. be                                                                                                    

Directie: Karlien Teirlinck
Astridstraat 11, 9620 Zottegem       
GSM: 0477/48 93 18                        

SCHOOLBESTUUR

Benaming: VZW Katholiek Basisonderwijs Herzele
Maatschappelijke zetel: Kerkstraat 12, 9550  Herzele         

Voorzitter :                  Emmanuel De Coen
Ondervoorzitter:         Luc Beeckmans
Secretaris :                 Wim Spranghers
Overige leden Raad van Bestuur: Marie-Jeanne Danckaert, Annick Borloo, Paul Kellens, Theo Bral

Het schoolbestuur is de eindverantwoordelijke voor het schoolgebeuren. Het schept de noodzakelijke voorwaarden voor een goed verloop van het onderwijs.
De directie is door het schoolbestuur gemandateerd om de dagelijkse leiding van de school te verzekeren.

De directie staat in voor:

  • De schoolorganisatie
  • De pedagogische organisatie
  • De leerlingen- en personeelsadministratie
  • De financiële administratie
  • Het personeelsbeleid en de nascholing
  • De infrastructuur en de gebouwen.

De lijst van de personeelsleden van de school kan op de website geraadpleegd worden.

 

SCHOOLRAAD

Een schoolraad is verplicht in iedere school. Ze bestaat uit 3 geledingen (oudergeleding, personeelsgeleding en lokale gemeenschap) en heeft een aantal overlegbevoegdheden evenals een informatie- en communicatierecht ten opzichte van de school en omgekeerd. Zij wordt samengesteld voor een periode van vier jaar.

De schoolraad bepaalt zelf in haar huishoudelijk reglement op welke wijze nieuwe leden kunnen toetreden tijdens de lopende mandaatperiode.  Bij gebrek aan kandidaten, zowel voor de pedagogische raad als voor de ouderraad is er geen schoolraad samengesteld.

 

OUDERRAAD

De oprichting van een ouderraad is verplicht wanneer ten minste tien procent van de ouders erom vraagt, voor zover dit percentage ten minste drie ouders betreft. De ouderraad heeft een informatierecht en adviesbevoegdheid ten aanzien van het schoolbestuur.

De ouderraad bepaalt zelf in haar huishoudelijk reglement op welke wijze nieuwe leden kunnen toetreden tijdens de lopende mandaatperiode.  In onze school is geen ouderraad geïnstalleerd.

 

OUDERCOMITE

De school kan rekenen op de noodzakelijke steun van een actief oudercomité, die tot doel heeft bij te dragen tot het welzijn van de school in het algemeen, en van de leerlingen in het bijzonder.
Wij hopen dan ook dat u de initiatieven van het oudercomité ten volle kunt steunen.  Nieuwe leden zijn van harte welkom.

Voorzitter : Mvr. Bovijn L., Lochtingwegel 2, 9552 Borsbeke Tel. 053/390046 of 0475/569800 en Mvr. De Roose J., Borsbekestraat 188, 9552 Borsbeke tel 0497/17.33.53.

 

KLASSENRAAD

De klassenraad bestaat uit de directeur , de zorgleerkrachten en de leerkrachten van de betrokken leerlingengroep.

De klassenraad beslist over de overstap naar een volgende leeftijdsgroep binnen het niveau kleuteronderwijs en binnen het niveau lager onderwijs.

Hij geeft advies bij de overstap van een kind van het kleuteronderwijs naar het lager onderwijs en bij de overstap van het lager onderwijs naar het secundair onderwijs.

De klassenraad kan ook advies geven bij het nemen van orde- of tuchtmaatregelen.

De klassenraad beslist welke regelmatige leerlingen het getuigschrift behalen en welke niet.

 

SCHOLENGEMEENSCHAP KBO SINT-LIEVEN

Vanaf 1 september 2004 vormt onze school een scholengemeenschap met de vrije basisscholen van: Herzele-Woubrechtegem, Erpe, Burst-Erondegem, Aaigem en Steenhuize.

                      

LEERLINGENRAAD

In onze school wordt een leerlingenraad samengesteld voor de herfstvakantie.In deze raad zetelen twee leerlingen van 3e, 4e, 5e en 6e leerjaar.

Alle leerlingen van deze klassen kunnen zich kandidaat stellen ongeveer twee weken voor de verkiezingsdatum.De leerlingen worden verkozen door klasgenoten bij een geheime stemming.

 

CLB

Onze school werkt samen met het Vrij CLB Zuid-Oost-Vlaanderen

Vestigingsplaats Kastanjelaan 8, 9620 Zottegem

Meer info vinden jullie verder in onze brochure. 

 

ONDERSTEUNINGSNETWERK

Onze school is aangesloten bij het ‘Ondersteuningsnetwerk Vlaamse Ardennen’. 

Voor algemene vragen over ondersteuning en specifieke vragen over de ondersteuning van je kind kan je terecht bij de zorgcoördinator van onze school.

 

3. Schoolreglement

DEEL 1: WETTELIJKE VERPLICHTINGEN

3.1. Inschrijven van leerlingen.

3.1.1. INSCHRIJVEN IN DE SCHOOL

Je kind is pas ingeschreven in onze school als je schriftelijk instemt met het pedagogisch project en het schoolreglement. 

Het schoolreglement wordt schriftelijk of via elektronische drager aangeboden en de ouders moeten er zich schriftelijk akkoord mee verklaren.  Het schoolbestuur vraagt of de ouders een papieren versie van het schoolreglement wensen te ontvangen.

Bij elke wijziging van het schoolreglement zullen we opnieuw jouw schriftelijk akkoord vragen.  Indien je niet akkoord gaat met de wijziging, dan wordt de inschrijving van je kind beëindigd op 31 augustus van het lopende schooljaar.

Bij inschrijving dient een officieel document te worden voorgelegd dat de identiteit met

Rijksregisternummer van het kind bevestigt en de verwantschap aantoont (KIDS ID, het trouwboekje, geboortebewijs, reispas, bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister…). De inschrijving van een leerling geldt voor de duur van de hele schoolloopbaan in de school. 

De inschrijving stopt wanneer de ouders beslissen om het kind van school te veranderen, zij niet akkoord gaan met de nieuwe versie van het schoolreglement, bij een definitieve uitsluiting als gevolg van een tuchtmaatregel of wanneer het kind een verslag ontvangt dat toegang heeft tot het buitengewoon onderwijs (tenzij de school een individueel aangepast programma haalbaar ziet).

Alle kleuters en leerlingen worden op de datum van de inschrijving opgenomen in het inschrijvingsregister. Zij worden slechts éénmaal ingeschreven volgens chronologie.

Een kleuter die nog geen 2,5 jaar is, kan ingeschreven worden.  Maar pas wanneer de kleuter voldoet aan de toelatingsvoorwaarde (2,5 jaar zijn), wordt de kleuter opgenomen in het stamboekregister en kunnen de ouders de verklaring van de enige inschrijving invullen en handtekenen. Vanaf de volgende instapdatum wordt de kleuter toegelaten op school en opgenomen in het aanwezigheidsregister van de klas.

Kleuters zijn niet leerplichtig.

Wanneer tijdens zijn of haar schoolloopbaan de nood aan aanpassingen voor je kind wijzigt, kan het zijn dat de vastgestelde onderwijsbehoeften van die aard zijn dat ofwel een verslag nodig is dat toegang geeft tot het buitengewoon onderwijs, ofwel een bestaand verslag gewijzigd moet worden.  In dat geval organiseert de school een overleg met de klassenraad, de ouders en het CLB.  Op basis van dit overleg en nadat het verslag werd afgeleverd of gewijzigd, beslist de school om de leerling op vraag van de ouders studievoortgang te laten maken op basis van een individueel aangepast curriculum of om de inschrijving van de leerling voor het daaropvolgende schooljaar te ontbinden. 

Je kind kan pas instappen in het eerste leerjaar als het aan de wettelijke toelatingsvoorwaarden voldoet.

Om toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden na advies van het CLB en na toelating van de klassenraad.        

Als het kind nog niet de leeftijd van 7 jaar bereikt heeft of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet het bovendien aan één van de volgende voorwaarden voldoen:

- tijdens het voorgaande schooljaar ten minste 250 halve dagen aanwezig zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs.             

- toegelaten zijn door de klassenraad. De beslissing omtrent de toelating wordt aan de ouders meegedeeld uiterlijk de tiende schooldag van september bij inschrijving voor september van het lopende schooljaar, of, bij inschrijving vanaf september, uiterlijk tien schooldagen na deze inschrijving.

In afwachting van deze mededeling is de leerling ingeschreven onder opschortende voorwaarde.

Bij overschrijding van de genoemde termijn is de leerling ingeschreven.

De schriftelijke mededeling aan de ouders van een negatieve beslissing bevat tevens de motivatie.

Een leerling die een getuigschrift basisonderwijs behaalt, kan geen lager onderwijs meer volgen tenzij de klassenraad dit toelaat. Een getuigschrift kan slechts uitgereikt worden aan leerlingen die vóór 1 januari van het lopende schooljaar al acht jaar geworden zijn.

In het gewoon onderwijs kan een leerling die 14 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar, nog één schooljaar het lager onderwijs volgen na gunstig advies van de klassenraad en van het CLB.

 

3.1.2. INSCHRIJVINGSPERIODE

De inschrijvingsperiode kan ten vroegste starten vanaf de eerste schooldag van september van het voorafgaande schooljaar en loopt tot 31 augustus. Het is niet mogelijk om verschillende schooljaren voordien in te schrijven in de school. Deze regeling geldt ook voor kleuters al kunnen ze pas het volgende schooljaar instappen.

De inschrijving kan elke schooldag tijdens de schooluren liefst na een telefonische afspraak.

Tijdens de eerste week van de vakantie en de laatste twee weken van de grote vakantie zijn inschrijvingsmomenten voorzien en worden die via infofolders, plaatselijke pers en de website/facebookpagina kenbaar gemaakt.

 

3.1.3. INSCHRIJVING

De inschrijving gebeurt door een secretariaatsmedewerker, de directeur of een leerkracht. Er wordt informatie verstrekt over de school, het schoolreglement, de informatiebrochure en het pedagogisch project.

We gaan ervan uit dat beide ouders instemmen met de inschrijving. Indien we op de hoogte zijn van het niet-akkoord van één van beide ouders, kunnen we het kind niet inschrijven.

Bij de inschrijving dient een officieel document te worden voorgelegd die de identiteit van het kind bevestigt, de geboortedatum rechtvaardigt en het rijksregisternummer bevat. Voor allochtone leerlingen wordt een passend document opgevraagd dat de identiteit van het kind aantoont en de graad van verwantschap.

Bij elke inschrijving wordt een gezins- en leerlingenfiche ingevuld waarvan de gegevens worden opgenomen in het elektronisch bestand van de school. Een attest voor ontvangst en akkoord van het schoolreglement en het pedagogisch project en het aanmeldings- en inschrijvingsregister worden ondertekend.

Voor kleuters ondertekenen de ouders of de personen die het kind onder hun hoede hebben, een verklaring dat ze niet in een andere school zijn ingeschreven.

Conform de wet op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer worden alle gegevens die bij een inschrijving worden opgevraagd enkel en alleen gebruikt voor de school- en onder­wijs­administratie.  Ze worden onder geen enkele voorwaarde aan anderen doorgegeven.

 

3.1.4. INSTAPPEN KLEUTERS

Kleuters jonger dan 3 jaar worden toegelaten vanaf de instapdatum waarop ze de leeftijd van 2 jaar en 6 maanden hebben bereikt, d.w.z.

          - de eerste schooldag na de zomervakantie

          - de eerste schooldag na de herfstvakantie

          - de eerste schooldag na de kerstvakantie

          - de eerste schooldag van februari (teldag lestijdenpakket)

          - de eerste schooldag na de krokusvakantie

          - de eerste schooldag na de paasvakantie

          - de eerste schooldag na het Hemelvaartweekend

Kleuters die 2 jaar en 6 maanden worden op een instapdag, worden op die dag tot het kleuter­­-onderwijs toegelaten en opgenomen in het stamboekregister.

Voor de instapdatum mag een kleuter jonger dan 3 jaar niet aanwezig zijn in de school, zelfs niet op proef, ook al heeft hij de leeftijd van 2 jaar en 6 maanden bereikt of overschreden.

Een kleuter die de leeftijd van drie jaar bereikt heeft , kan elke dag worden ingeschreven en in de school toegelaten worden zonder rekening te houden met de instapdagen.

 

3.1.5. LEERPLICHT

Kinderen worden leerplichtig de eerste schooldag van de maand september van het jaar waarin ze 6 jaar worden en ze zijn dan wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het kind op die leeftijd nog in het kleuteronderwijs vertoeft, is het onderworpen aan de controle op de leerplicht en het moet op school aanwezig zijn.

Kleuters zijn niet leerplichtig (behalve zij die een jaar langer in het kleuteronderwijs doorbrengen).

Een jaar langer in het kleuteronderwijs doorbrengen, vervroegt het eerste leerjaar instappen en een achtste jaar in de lagere school doorbrengen kan enkel na samenspraak met en advies van de klassenraad en het CLB.

In het gewoon onderwijs kan een leerling minimum 4 jaar en maximum 8 jaar in het lager onderwijs doorbrengen, met dien verstande dat een leerling die 15 jaar wordt voor 1 januari geen lager onderwijs meer kan volgen.

De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten te volgen. Omwille van gezondheidsredenen en mits een medisch attest kunnen, in samenspraak met de directeur eventueel aanpassingen gebeuren.

Leerlingen die om grondige redenen niet deelnemen aan ééndaagse of meerdaagse extra-murosactiviteiten dienen wel op school aanwezig te zijn.

 

3.1.6. CLB-BEGELEIDING

Ouders hebben het recht af te zien van CLB-begeleiding. Deze weigering moet schriftelijk gebeuren.  Bij inschrijving licht de directeur de ouders over deze mogelijkheid in en overhandigt hij hen in voorkomend geval de nodige formulieren.

 

3.1.7. SCREENING NIVEAU ONDERWIJSTAAL

Onze school moet voor elke leerling die voor het eerst in het lager onderwijs instroomt een taalscreening uitvoeren. Indien onze school op basis van de resultaten van de screening het nodig acht, wordt een taaltraject voorzien dat aansluit bij de specifieke noden van het kind.   Deze taalscreening gebeurt niet voor anderstalige nieuwkomers, zij krijgen sowieso een aangepast taaltraject.

 

3.1.8. WEIGERING/ONTBINDEN EN BEËINDIGEN VAN EEN INSCHRIJVING

Ouders hebben het recht hun kind in te schrijven in de school en vestigingsplaats van hun keuze. Toch kan de school een inschrijving van een leerling weigeren, ontbinden of beëindigen onder volgende omstandigheden:

Een leerling weigeren

De school kan een leerling weigeren in te schrijven als deze niet voldoet aan de toelatingsvoorwaarden.  Het schoolbestuur weigert leerlingen die tijdens het schooljaar van school veranderen als deze inschrijving tot doel heeft of er in de feiten toe leidt dat de betrokken leerling in dat schooljaar afwisselend naar verschillende scholen zal gaan (co-schoolschap)
De school kan een leerling weigeren die het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar door een tuchtmaatregel definitief werd uitgesloten in de school.

Elke school moet per vestigingsplaats, niveau kleuter en lager een capaciteit bepalen. Het bestuur kan ervoor kiezen om de capaciteit ook per leerjaar of geboortejaar vast te leggen. Wanneer deze capaciteit overschreden wordt, moet de school de leerling weigeren.

Het schoolbestuur moet leerlingen weigeren als een bijkomende inschrijving na de start van de inschrijvingen voor volgend schooljaar er toe zou leiden dat de capaciteit, voor dat volgend schooljaar overschreden zou worden.

Een inschrijving wordt ontbonden

Wanneer tijdens de schoolloopbaan de nood aan aanpassingen voor een leerling wijzigt en de vastgestelde onderwijsbehoeften van die aard zijn dat toegang geeft tot het buitengewoon onderwijs of een gewijzigd verslag nodig is, organiseert de school een overleg met de klassenraad, de ouders en het CLB. Op basis van dit overleg en nadat het verslag werd afgeleverd, beslist de school om de leerling op vraag van de ouders studievoortgang te laten maken op basis van een individueel aangepast curriculum of om de inschrijving van de leerling voor het daaropvolgende schooljaar te ontbinden.

Een inschrijving wordt beëindigd

Bij elke wijziging van het schoolreglement informeert het schoolbestuur de ouders schriftelijk of via elektronische drager over die wijziging en geven de ouders opnieuw schriftelijk akkoord. Indien de ouders zich met de wijziging niet akkoord verklaren, dan wordt aan de inschrijving van het kind een einde gesteld op 31 augustus van het lopende schooljaar.

De school zal via een briefje en de schoolwebsite de ouders hieromtrent verder informeren.

Als na onderzoek en overleg met de betrokken partijen (schoolbestuur, ouders en eventueel CLB) een negatief advies komt op de vraag tot inschrijving dan deelt het schoolbestuur dit binnen een termijn van vier kalenderdagen, aangetekend of tegen bewijs van afgifte mee aan de ouders. Ouders krijgen toelichting bij de beslissing van de school.

Eén exemplaar van het advies wordt bewaard in het schoolarchief.                

Bij weigering om draagkracht wordt door het lokaal  overlegplatform (LOP) onmiddellijk en zonder te wachten op vraag van de ouders, een bemiddelingsprocedure opgestart. Bij weigering op basis van andere redenen start het LOP alleen een bemiddeling wanneer de ouders daar uitdrukkelijk om verzoeken.

Indien de school niet behoort tot een LOP zal het departement een nabijgelegen LOP aanduiden.

Na bemiddeling door het LOP kunnen ouders alsnog binnen een termijn van 30 dagen een klacht indienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten (basisonderwijs) :

                                               Hendrik Consciencegebouw 4A10
                                               Koning Albert II-laan 15
                                               1210 Brussel

3.2. Gewettigde afwezigheden

Deze regelgeving is van toepassing op alle leerplichtige leerlingen in het gewoon en buitengewoon basisonderwijs. Ze is dus ook van toepassing op zesjarigen die nog in de kleuterschool zitten en op vijfjarigen die vroegtijdig in het lager onderwijs zitten.

De school moet het aantal dagen dat een kind ongewettigd afwezig is doorgeven aan de overheid. Kleuters die onvoldoende dagen naar de school komen kunnen hun studietoelage verliezen en ook de toegang tot het eerste leerjaar is afhankelijk van het aantal dagen dat het kind kleuteronderwijs volgde.

Bij afwezigheden op school geldt de volgende reglementering:

* Kleuteronderwijs

Afwezigheden in het kleuteronderwijs moeten niet gestaafd worden door medische attesten of andere schriftelijke verklaringen aangezien er geen leerplicht is.

Het is belangrijk dat kleuters regelmatig naar school komen. Kinderen die activiteiten missen, lopen meer risico om te mislukken en raken minder goed geïntegreerd in de klasgroep. We verwachten dat de ouders ook de afwezigheden van hun kleuter onmiddellijk melden.

* Lager onderwijs

Een leerplichtig kind dient op school aanwezig te zijn tenzij er een gerechtvaardigde reden voor afwezigheid is.  De regelgeving is ook van toepassing op leerlingen die, wegens verlengd kleuterschoolbezoek, op zesjarige leeftijd nog in het kleuteronderwijs zitten. Zij zijn op basis van hun leeftijd leerplichtig.  Ook leerlingen die reeds op vijfjarige leeftijd zijn overgestapt naar het lager onderwijs vallen onder de reglementering.

 

3.2.1.   GEWETTIGDE AFWEZIGHEDEN

Ziekte

  • Is je kind meer dan 3 opeenvolgden kalenderdagen ziek dan is een medisch attest verplicht.
  • Is je kind minder dan 3 opeenvolgde kalenderdagen ziek, dan is een briefje van de ouders voldoende.Zo’n briefje van de ouders kan slechts 4 keer per schooljaar.
  • Is je kind chronisch ziek, dan nemen de ouders contact op met de school en het CLB.
  • Consultaties (zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts) moeten zoveel mogelijk buiten de schooluren plaats vinden

De ouders verwittigen de school zo vlug mogelijk en bezorgen het ziektebriefje aan de leraar.  De school zal het CLB contacteren bij twijfel over een medisch attest. 

Van rechtswege gewettigde afwezigheden

De afwezigheid van je kind kan in een aantal situaties gewettigd zijn. Voor deze afwezigheden is geen toestemming nodig van de directeur. Je verwittigt de school wel vooraf van deze afwezigheid. Je geeft een officieel document of een verklaring die de afwezigheid staaft, af aan de school. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Het overlijden of huwelijk van iemand onder hetzelfde dak of van een bloed- of aanverwant
  • dagvaarding of oproeping voor de rechtbank-bijwonen van een familieraad
  • maatregelen van bijzondere jeugdzorg of jeugdrechtbank
  • onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht
  • vieren van een feestdag dat hoort bij je geloof (anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke, orthodoxe, protestants-evangelische godsdienst).
  • actief deelnemen in het kader van individuele selectie of lidmaatschap van een vereniging als topsportbelofte aan sportieve manifestaties. De unisportfederatie dient een document af te leveren, dat elk jaar opnieuw vernieuwd dient te worden. Afwezigheid kan maximaal 10 (gespreide) halve schooldagen bedragen.

Afwezigheden mits toestemming van de directeur

Soms kan je kind om een andere reden afwezig zijn.  De ouders bespreken dit op voorhand met de directie. Het betreft hier de afwezigheid wegens:

  • de rouwperiode bij een overlijden;
  • het actief deelnemen aan culturele of sportieve manifestaties, indien het kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is.
  • Deelname aan time-out-projecten (code O).
  • in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen.

Opgelet: De directeur mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.

Topsport

Topsportbeloften mogen onder bepaalde voorwaarden en mits goedkeuring van de directeur maximum 6 lestijden per week afwezig zijn. Deze regeling geldt voor zwemmen, gymnastiek en tennis, mits het vooraf indienen van een dossier met volgende elementen:

-een gemotiveerde aanvraag van de ouders

-een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie

-een akkoord van de directie

Trekkende bevolking

Voor kinderen van woonwagenbewoners, zigeuners, kermis- en circusbevolking en binnen-schippers geldt een afzonderlijke regeling.  Afwezigheden zijn gewettigd mits:

  • de ouders noodzakelijke verplaatsingen doen omwille van beroepsredenen
  • de school tijdens de afwezigheid voor een vorm van onderwijs op afstand zorgt
  • de school, maar ook de ouders, zich engageren dat er regelmatig contact is over het leren van het kind

Afspraken (m.b.t. onderwijs op afstand, contacten,…) tussen ouders en school worden neergeschreven. Enkel als de ouders hun engagement naleven is het kind gewettigd afwezig.

Afwezigheden omwille van revalidatie / Logopedie tijdens de lestijden

In het gewoon basisonderwijs zijn er twee situaties te onderscheiden waarbij afwezigheden omwille van revalidatie tijdens de lestijden kunnen plaatsvinden:

  • revalidatie na ziekte of ongeval (max. 150 min. per week, verplaatsing inbegrepen)
  • behandeling van een stoornis die is vastgelegd in een officiële diagnose (max. 150 min. per week, verplaatsing inbegrepen)

Ouders moeten toestemming vragen aan de directeur om hun kind revalidatie te laten volgen tijdens de lestijden.   Deze regeling is alleen van toepassing voor een leerplichtige leerling.

Om een beslissing te kunnen nemen om revalidatie na ziekte of ongeval toe te staan, met de school over een dossier beschikken dat minstens de volgende elementen bevat:

  • een verklaring van de ouders waaruit blijkt dat de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden.
  • een medisch attest waaruit de noodzakelijkheid, de frequentie en de duur van de revalidatie blijkt.
  • een advies van het CLB, geformuleerd na overleg met klassenraad en ouders, dat motiveert waarom de revalidatie tijdens de lestijden vereist is.
  • een toestemming van de directeur voor een periode die de duur van de behandeling, vermeld in het medisch attest, niet kan overschrijden.

Om een beslissing te kunnen nemen om revalidatie als behandeling van een stoornis die is vastgelegd in een officiële diagnose (bv. Dyslexie of dyscalculie) toe te staan, moet de school beschikken over een dossier dat minstens de volgende elementen bevat:

  • een bewijs van de diagnose of (wegens de privacy) een verklaring van het CLB dat het een stoornis betreft die is vastgelegd in een officiële diagnose;
  • een verklaring van de ouders waaruit blijkt dat de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden;
  • een advies van het CLB, geformuleerd na overleg met klassenraad en ouders.Dat advies moet motiveren waarom de problematiek van de leerling van die aard is dat het wettelijk voorziene zorgbeleid van een school daarop geen antwoord kan geven en dat de revalidatie tussenkomsten niet beschouwd kunnen worden als schoolgebonden aanbod;
  • een samenwerkingsovereenkomst tussen de school en de revalidatieverstrekker over de manier waarop de revalidatie het onderwijs voor de leerling in kwestie zal aanvullen en de manier waarop de informatie-uitwisseling zal verlopen.De revalidatieversterker bezorgt op het eind van elk schooljaar een evaluatieverslag aan de directie van de school en van het CLB, met inachtneming van de privacywetgeving waaraan hij onderworpen is;
  • een toestemming van de directeur, die jaarlijks vernieuwd en gemotiveerd moet worden, rekening houdend met het evaluatieverslag van de revalidatieverstrekker.

De directeur van de school neemt, op basis van de verzamelde documenten, de uiteindelijk beslissing of de revalidatie tijdens de lestijden kan plaatsvinden of niet.  Deze beslissing wordt door de school aan de ouders meegedeeld.

Afwezigheden ingevolge preventieve schorsing en tijdelijke en definitieve uitsluiting

Het algemeen principe is dat de school bij preventieve schorsing en tijdelijke of definitieve uitsluiting opvang voorziet. Enkel als de school aan de ouders schriftelijk motiveert waarom dit niet haalbaar is, moet de school niet voor opvang zorgen.  Een afwezigheid ingevolge een preventieve schorsing, een tijdelijke of een definitieve uitsluiting en waarbij de school gemotiveerd heeft dat opvang niet haalbaar is, is een gewettigde afwezigheid.

 

3.2.2.   PROBLEMATISCHE AFWEZIGHEDEN.

De school vindt de aanwezigheid van je kind belangrijk.  Het is in het gelang van je kind om het elke dag naar school te sturen.  Kinderen die lessen en activiteiten missen, lopen meer risico op achterstand.  Zij worden ook minder goed opgenomen in de leerlingengroep.  Er zijn daarnaast ook gevolgen voor het verkrijgen en behouden van de schooltoelage. Alsook voor de toelating tot het eerste leerjaar en voor het uitreiken van een getuigschrift op het einde van het lager onderwijs. (Zie ook de engagementsverklaring en infobrochure onderwijsregelgeving.)

Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven  beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden.  Leerlingen die ongewettigd afwezig zijn (d.w.z. problematische afwezigheden die niet omgezet worden in gewettigde afwezigheden) verliezen hun statuut van regelmatige leerling overeenkomstig  het decreet basisonderwijs.  Dit houdt in dat de betrokken leerling in het zesde leerjaar geen getuigschrift basisonderwijs kan krijgen en dat de school de betrokken leerling niet kan meetellen voor de personeelsformatie en de toelagen.

De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid en deze afwezigheid melden aan het CLB. School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.

Van zodra het kind meer dan 5 halve schooldagen problematisch afwezig is stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs.  De ouders worden in dat geval uitgenodigd voor een gesprek.

 

3.2.3.   VERPLICHTE SCHRIFTELIJKE MELDING

Elke afwezigheid van een leerplichtig kind op school, dient door de ouders of de persoon die het kind onder zijn bevoegdheid heeft, schriftelijk gedateerd en ondertekend aan de school medegedeeld te worden.

Elke niet-schriftelijk mededeling, of het niet reageren op de afwezigheidsattesten, die door de school worden meegegeven, binnen een termijn van twee dagen dat het kind terug op school is, zal als een ongewettigde afwezigheid worden beschouwd.

 

3.2.4. ONGEWETTIGDE AFWEZIGHEDEN EN DE SCHOOLWERKING

Voor de leerlingen die ongewettigd op school afwezig zijn, onderneemt de school geen enkele pedagogische, administratieve noch organisatorische actie voor het nadeel dat de leerling uit zijn ongewettigde afwezigheid mogelijks kan ondervinden (geen lesherhalingen, geen verplaatsen of inhalen van toetsen of testen, geen bijhouden van nota’s, geen vroegere rapportering, geen bijhouden van huistaken of lessen, …)

Leerlingen in het zesde leerjaar die regelmatig ongewettigd afwezig zijn, verliezen hun statuut van regelmatige leerling en kunnen geen getuigschrift basisonderwijs krijgen. Er zijn bovendien ook gevolgen voor de toelating tot het eerste jaar secundair onderwijs.

 

3.3. Vormen van leerlingengroepen binnen hetzelfde onderwijsniveau

De klassenraad beslist, in overleg en in samenwerking met het CLB dat onze school begeleidt, of een leerling kan overgaan naar een volgende leerlingengroep.  Wil de school dat je kind een jaar overdoet, dan is dit omdat ze ervan overtuigd is dat dit voor je kind de beste oplossing is. De genomen beslissing wordt ten aanzien van de ouders schriftelijk gemotiveerd en mondeling toegelicht. De school geeft ook aan welke bijzondere aandachtspunten er in het daaropvolgende schooljaar voor je kind zijn. De school neemt deze beslissing dus in het belang van je kind.

Het is de klassenraad die beslist in welke leerlingengroep een leerling, die in de loop van zijn schoolloopbaan van school verandert, terechtkomt.

Leerlingengroepen kunnen heringedeeld worden op basis van een gewijzigde instroom.

 

3.4. Schoolverandering

  1. Ouders oordelen zelf of het verantwoord is dat hun kind in de loop van het schooljaar van school verandert.
  2. Elke schoolverandering tussen de eerste schooldag van september en de laatste school­dag van juni wordt gecommuniceerd tussen de oorspronkelijke school en de nieuwe school.
  3. De nieuwe inschrijving is rechtsgeldigvanaf de dag van inschrijving in de nieuwe school.
  4. Een schoolverandering van het gewoon naar het buitengewoon basisonderwijs is slechts mogelijk als de leerling over een inschrijvingsverslag beschikt waaruit blijkt welk type voor het buitengewoon onderwijs voor hem is aangewezen. Zodra de ouders over zo’ n verslag beschikken (overhandigd door de school én het CLB) kan de leerling van school veranderen. De nieuwe school licht de oorspronke­lijke school in volgens de procedure hierboven beschreven.
  5. Bij een schoolverandering van het buitengewoon naar het gewoon basisonderwijs ligt de

verantwoordelijkheid volledig bij de ouders. Zij oordelen of het verantwoord is of hun kind van school verandert. De nieuwe school licht de oorspronkelijke school in zoals hierboven beschreven.

 

3.5. Schooltoelage

Ouders van kleuters en lagere schoolkinderen die aan bepaalde voorwaarden voldoen kunnen per schooljaar een schooltoelage ontvangen die schommelt tussen  80 en 180 euro.

Aanvraagformulieren zijn via de school te bekomen (één aanvraag per schooljaar per kind). Een aanvraag online indienen kan ook via www.studietoelagen.be  

Een infobrochure wordt via de school bezorgd bij het begin van een nieuw schooljaar of bij inschrijving van nieuwe kleuters/leerlingen.

De school en de sociale dienst van de gemeente kunnen de ouders ondersteunen bij het invullen van de aanvraagformulieren.

 

3.6.  Onderwijs aan huis.

Leerlingen vanaf 5 jaar (d.w.z. leerlingen die 5 jaar of ouder geworden zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar én op minder dan 10 km van de school verblijven) die wegens (chronische) ziekte of ongeval tijdelijke niet naar school kunnen komen, recht op tijdelijk onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beide (kleuter- of lager onderwijs 4 lestijden per week) indien volgende  voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:

  1. De leerling is meer dan 21 kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval.
  2. Voor chronisch zieke kinderen (bij ziekte die minstens 6 maanden continue of repetitieve behandeling vraagt) vervalt de wachttijd van 21 kalenderdagen. Deze kinderen hebben recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis na 9 halve schooldagen afwezigheid (moeten niet in een ononderbroken periode doorlopen). Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis.
  3. De ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de school. De aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet of minder dan halftijds kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen.

Voor chronisch zieke kinderen moet bij de eerste aanvraag tijdens het betrokken schooljaar een medisch attest worden gevoegd, uitgereikt door een geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen. Bij een nieuwe afwezigheid ten gevolge van deze chronische ziekte tijdens hetzelfde schooljaar is geen nieuw medisch attest vereist. Er dient wel een nieuwe aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis ingediend te worden.

  1. Als je kind na een periode van tijdelijk onderwijs aan huis binnen 3 maanden hervalt, dan valt de voorwaarde van 21 opeenvolgende kalenderdagen weg.
  2. De afstand tussen de school en de verblijfplaats van de leerling bedraagt ten hoogste 10 km.

 

De school doet de nodige inspanningen om een leerkracht te vinden en maakt afspraken met deze leerkracht om de lessen af te stemmen op de klas van het kind. De school kan in overleg met de ouders ook contact opnemen met de vzw Bednet.

De school en de ouders maken concrete afspraken over opvolging en evaluatie.

Tijdelijk onderwijs aan huis is gratis.

 

3.7. Eén- of meerdaagse schooluitstappen (extra-muros activiteiten).

Je kind is verplicht deel te nemen aan extra-murosactiviteiten die minder dan één schooldag duren. Dat zijn normale schoolactiviteiten. We streven er als school ook naar om ook alle kinderen te laten deelnemen aan extra-murosactiviteiten op één dag of langer duren. Die activiteiten maken namelijk deel uit van het onderwijsaanbod dat we aan je kind geven.  Via dit schoolreglement informeren we jou als ouder over de uitstappen die dit schooljaar worden voorzien.  (zie bijdrageregeling) 

Door het schoolreglement te ondertekenen gaan we ervan uit dat je op de hoogte bent van de schooluitstappen die worden georganiseerd.  Als je niet wenst dat je kind meegaat op één van deze extra-murosactiviteiten die één dag of langer duren, dien je dat voorafgaand aan de betrokken activiteit schriftelijk te melden aan de school.

Leerlingen die niet deelnemen aan deze activiteiten moeten op school aanwezig zijn. 

 

3.8. Samenwerking met het CLB (Centrum voor leerlingenbegeleiding).

Onze school werkt samen met  het Vrij CLB Zuid-Oost-Vlaanderen www.vclbzov.be

Hoofdzetel: Burgschelde 7, 9700 Oudenaarde ) 055 31 38 62  3 055 31 84 108 oudenaarde@vclbzov.be

Vestigingen:

Abeelstraat 35,    9600 Ronse           055 23 71 11  3 055 20 73 10  8 ronse@vclbzov.be
Kastanjelaan 8,   9620 Zottegem      09 361 14 01  3 09 361 04 32  8 zottegem@vclbzov.be

Onze vaste contact persoon is Carine Boone. Indien een begeleidingstraject wordt opgezet, dan kunnen ook andere CLB-medewerkers je helpen.

 

Wat doet het CLB?
Naar leerlingen en ouder(s) heeft het CLB twee opdrachten. Een deel is verplichtend, een ander deel is op vraag van de school, de ouders en de leerlingen.

Het CLB werkt samen met de school, maar zijn een onafhankelijke dienst met beroepsgeheim.

 

Het verplicht aanbod :

Het CLB staat in voor het uitvoeren van het ‘medisch onderzoek’ op gezette tijdstippen. Deze systematische contactmomenten staan gepland in eerste kleuter, eerste leerjaar, vierde leerjaar en zesde leerjaar. (In schooljaar 18-19 wordt daar licht van afgeweken: er is een vrijblijvend bijkomend aanbod in tweede kleuter en de leerlingen van het vierde leerjaar worden niet gezien.)
Tijdens deze contactmomenten worden een aantal elementen uit de ontwikkeling en de leefgewoonten nagegaan. In de aanloop van deze contactmomenten zal je een brief krijgen met meer uitleg en/of een vragenlijst om in te vullen. Voor het onderzoek in het eerste kleuter wordt de aanwezigheid van ouders zo veel mogelijk nagestreefd.

Binnen het verplicht aanbod heeft het CLB ook een opdracht in de opvolging van de leerplicht (spijbelen): elke leerling die 5 halve dagen onwettig afwezig is, wordt door de school gemeld bij het CLB. In overleg wordt nagegaan welke acties kunnen worden opgezet om de leerling terug op school te krijgen.

Tot slot  heeft het CLB een opdracht in het nemen van maatregelen in het geval van besmettelijke ziekten. We raden dan ook aan elk van volgende besmettelijke ziekten bij uw kind te melden aan de  school: kroep, geelzucht, buiktyfus, hersenvliesontsteking, kinderverlamming, roodvonk, longtuberculose, kinkhoest, schurft, bof, mazelen, salmonellosen, rubella, huidinfectie, schimmels, luizen, windpokken, parelwratten, impetigo en HIV-infectie.

Zowel de medische onderzoeken, de activiteiten in verband met de opvolging van de leerplicht en de maatregelen in geval van besmettelijke ziekten kunnen in principe niet door de leerling of zijn ouder(s) worden geweigerd.

De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen zich wel verzetten tegen het uitvoeren van een onderzoek door een bepaalde arts van het CLB. Dit verzet dient schriftelijk te gebeuren. Dan kan het onderzoek door een andere arts worden uitgevoerd.

 

Op vraag van ouders en leerlingen:

Het CLB werkt vooral voor individuele leerlingen met een hulpvraag en biedt antwoorden bij volgende problemen:

  • Leren en studeren: bv. problemen met aandacht of werkhouding, hardnekkige leerproblemen,…
  • Onderwijsloopbaan: bv. studiekeuze, info over het onderwijslandschap,…
  • Gezondheid: bv. het toedienen van vaccinaties, vragen over relaties en seksualiteit,…
  • Welbevinden: bv. omgaan met verlies, faalangst, depressieve gevoelens, moeilijk gedrag, vragen over zelfbeeld,…

Een CLB-medewerker zal de hulpvraag beluisteren en analyseren om daarna samen met jullie na te gaan welke stappen gezet kunnen worden. Dit kan een gesprek zijn, een onderzoek, het afnemen van een vragenlijst, enz.

 

Hoe werkt het CLB?

Het CLB werkt onafhankelijk, gratis en discreet. Zowel ouder(s), leerlingen als de school kunnen het CLB om hulp vragen. Elke school wordt door één CLB begeleid. Als leerling of ouder kan je je CLB dus niet vrij kiezen. Bij schoolverandering behoudt het CLB zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid tot de inschrijving in een school die onder de verantwoordelijkheid van een ander CLB valt.

Het CLB respecteert de rechten van elke minderjarige in de jeugdhulp en de privacywetgeving.  CLB-medewerkers hebben beroepsgeheim, wat betekent dat je hen dingen in vertrouwen kan zeggen zonder dat dit doorgezegd wordt aan iemand anders.

Het CLB heeft regelmatig overleg op school, hetzij via een Multidisciplinair Overleg of met de directie, de leerlingbegeleider of een leerkracht. Bij een hulpvraag voor een welbepaalde leerling sluiten ouders (en eventueel leerling) als evenwaardige partners bij dit overleg aan.

Het CLB werkt met relevante informatie die over de leerlingen in de school aanwezig is (bv. leerlingenvolgsysteem, schooldossier…), net zoals de school relevante informatie over de leerlingen in begeleiding bij het CLB bevraagt. Ouders kunnen aangeven welke informatie wel of niet mag uitgewisseld worden.  School en CLB  houden bij het doorgeven en het gebruik van deze informatie rekening met de geldende regels inzake het beroepsgeheim, de deontologie en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

 

Een multidisciplinair CLB-dossier

Het multidisciplinair dossier van de leerling bevat alle relevante sociale, psychologische en medische gegevens die over jou op het centrum aanwezig zijn. Als een leerling van school verandert, wordt dit dossier doorgestuurd naar het nieuwe begeleidende CLB. Er wordt hierbij een wachttijd van 10 dagen gerespecteerd. Tijdens deze periode kan je als ouder of als bekwame leerling verzet aantekenen tegen het doorgeven van de sociale en psychologische (niet-verplichte) gegevens. Je kan geen verzet aantekenen tegen de overdracht van de volgende (verplichte) gegevens: identificatiegegevens, vaccinatiegegevens, gegevens in het kader van leerplichtbegeleiding, algemene en gerichte consulten en de nazorg hiervan en tot slot, (indien van toepassing) een kopie van het gemotiveerd verslag en (indien van toepassing) een verslag dat toegang geeft tot het buitengewoon onderwijs . Het verzet moet schriftelijk en gemotiveerd worden ingediend bij de directeur van het CLB.

 

Het CLB bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact (en tot 15 jaar na het laatste contact voor leerlingen in het buitengewoon onderwijs).

 

3.9.  Getuigschriften basisonderwijs.

Het schoolbestuur stelt tegen 20 juni een lijst op van de leerlingen die op 30 juni het lager onderwijs zullen voltooien. De klassenraad beslist welke regelmatige leerlingen het getuigschrift behalen en welke niet.

Het getuigschrift wordt uitgereikt aan een regelmatige leerling die in voldoende mate de eindtermgerelateerde leerplandoelen heeft bereikt. Een leerling die geen getuigschrift basisonderwijs behaalt, ontvangt ene getuigschrift dat aangeeft welke doelen hij of zij wel heeft bereikt (een getuigschrift ‘bereikte doelen’)

Een regelmatige leerling is volgens het Decreet Basisonderwijs een leerling die slechts in één school ingeschreven is. In het basisonderwijs, of als leerplichtige in het kleuteronderwijs, moet de leerling daarenboven aanwezig zijn, behoudens gewettigde afwezigheid en deelnemen aan alle onderwijsactiviteiten die voor hem of zijn leergroep worden georganiseerd.

De klassenraad oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in voldoende mate, die doelen uit het leerplan die het bereiken van de eindtermen beogen, heeft bereikt om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen.

De beslissing van de klassenraad is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de leerling. De klassenraad houdt onder andere rekening met onderstaande criteria:

-de schoolrapporten van het lopende en voorafgaande schooljaren ( evolutie leervorderingen)

-voldoende in aantal en  beheersniveau behalen van eindtermgerelateerde leerplandoelen

-de gegevens uit het LVS;

-het verslag van de leerkracht die tijdens het laatste schooljaar het hoogste aantal lestijden  heeft gegeven aan de leerling

 De voorzitter en alle leden van de klassenraad ondertekenen het schriftelijk verslag.

Wanneer een leerling overlijdt in het schooljaar waarin hij normaliter het getuigschrift basisonderwijs zou ontvangen hebben, dan kan de klassenraad alsnog beslissen om het getuigschrift basisonderwijs postuum aan deze leerling toe te kennen.  Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een attest afgeleverd door de directie met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde leerjaren lager onderwijs. In dit attest geeft de klassenraad de motivatie waarom geen getuigschrift wordt toegekend.

Leerlingen met een individueel aangepast curriculum kunnen een getuigschrift basisonderwijs behalen op voorwaarde dat de vooropgestelde leerdoelen door de onderwijsinspectie als gelijkwaardig worden beschouwd met die van het gewoon lager onderwijs.

Procedure tot het uitreiken van het getuigschrift

Gedurende de hele schoolloopbaan van je kind zullen we communiceren over zijn leervorderingen. Je kan kunnen inzage in en toelichting bij de evaluatiegegevens krijgen. Indien na toelichting blijkt dat de ouders een kopie wensen, dan kan dat.

Of een leerling het getuigschrift basisonderwijs krijgt, hangt af van de beslissing van de klassenraad. De klassenraad gaat na of de eindterm gerelateerde leerplandoelen die het bereiken van de eindtermen beogen voldoende in aantal en beheersingsniveau zijn behaald. Daarbij zal de groei die de leerling doorheen de schoolloopbaan maakte, en de zelfsturing die hij toont, zeker een rol spelen.

Na 20 juni beslist de klassenraad welk getuigschrift je kind zal krijgen. De beslissing wordt uiterlijk op 30 juni aan de ouders meegedeeld. De ouders worden geacht de beslissing omtrent het getuigschrift basisonderwijs uiterlijk op 1 juli in ontvangst te hebben genomen.

De voorzitter en alle leden van de klassenraad ondertekenen het schriftelijk verslag.

Beroepsprocedure

Indien je als ouder niet akkoord zou gaan met het niet-toekennen van het getuigschrift basisonderwijs, kan je beroep instellen.  Die beroepsprocedure wordt hieronder toegelicht. 

Let op: wanneer we in dit punt spreken over ‘dagen’, bedoelen we telkens alle dagen (zaterdagen, zondagen, wettelijke en reglementaire feestdagen niet meegerekend).  Wanneer we spreken over directeur, hebben we het over de directeur of zijn afgevaardigde.

  1. Ouders die een beroepsprocedure wensen op te starten, vragen binnen drie dagen na ontvangst van de beslissing tot het niet uitreiken van het getuigschrift basisonderwijs, een overleg aan bij de directeur.  Dit gesprek is niet hetzelfde als het oudercontact.Je moet dit gesprek uitdrukkelijk aanvragen.
  2. Dit verplicht overleg met de directeur vindt plaats ten laatste de zesde dag na de dag waarop de rapporten werden uitgedeeld.  Van dit overleg wordt een verslag gemaakt.
  3. Na het overleg beslist de directeur om de klassenraad al dan niet opnieuw te laten samenkomen om het niet toekennen van het getuigschrift basisonderwijs te bevestigen of te wijzigen.
  4. De directeur of de klassenraad brengen de ouders met een aangetekende brief op de hoogte van de beslissing.
  5. Binnen drie dagen na ontvangst van de beslissing van de directeur of van de klassenraad kunnen ouders beroep indienen bij de voorzitter van het schoolbestuur.Dit kan via aangetekende brief of door de brief (het verzoekschrift) tegen ontvangstbewijs op school af te geven.  Emmanuel De Coen, KBO Herzele, Kerkstraat 12, 9550 Herzele

Het verzoekschrift moet aan de volgende voorwaarden voldoen.:

  • Het verzoekschrift is gedateerd en ondertekend;
  • Het verzoekschrift bevat het voorwerp van beroep met feitelijke omschrijving en motivering waarom het niet uitreiken van het getuigschrift basisonderwijs betwist wordt. 

Hierbij kunnen overtuigingsstukken toegevoegd worden.

  1. Wanneer het schoolbestuur een beroep ontvangt, zal het een beroepscommissie samenstellen. In de beroepscommissie, zitten zowel mensen die aan de school of het schoolbestuur verbonden zijn als mensen die dat niet zijn. Het gaat om een onafhankelijke commissie die deklacht van de ouders grondig zal onderzoeken.
  2. De beroepscommissie zal steeds de ouders en hun kind uitnodigen voor een gesprek. Zij kunnen zich daarbij laten bijstaan door een vertrouwenspersoon.Het is enkel mogelijk om een gesprek te verzetten bij gewettigde reden of overmacht..
  3. In de brief met de uitnodiging zal staan wie de leden van de beroepscommissie zijn.Deze samenstelling blijft ongewijzigd tijdens de verdere procedure, tenzij het door ziekte, overmacht of onverenigbaarheid noodzakelijk zou zijn om een plaatsvervanger aan te duiden.De beroepscommissie streeft in zijn zitting naar een consensus.  De beroepscommissie zal de betwiste beslissing ofwel bevestigen ofwel het getuigschrift basisonderwijs toekennen ofwel het beroep gemotiveerd afwijzen wegens het niet naleven van de vormvereisten.  Het resultaat van het beroep wordt uiterlijk op 15 september via een aangetekende brief door de voorzitter van de beroepscommissie aan de ouders ter kennis gebracht.
  4.  

3.10. Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning die niet afkomstig is van de Vlaamse Gemeenschap en de rechtspersonen die daarvan afhangen.

Sponsoring en reclame zijn mogelijk indien ze niet indruisen tegen het Christelijk opvoedingsproject van de school en na goedkeuring door de directie.

 

3.11. Informatierecht vrijwilligers op school.

3.11.1. VRIJWILLIGERS BINNEN ONZE SCHOOL.

De school maakt bij de organisatie van verschillende activiteiten gebruik van vrijwilligers.  De nieuwe wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van de vrijwilligers verplicht o.m. de scholen om aan de vrijwilligers te informeren over een aantal elementen.  Omdat elke ouder een schoolreglement ontvangt en voor akkoord ondertekent, kiest de school ervoor om de informatie betreffende vrijwilligers in het schoolreglement op te nemen.  Op die manier is elke ouder op de hoogte.

Onder vrijwilliger binnen onze school wordt verstaan elke persoon die onbezoldigd en op vrijwillige basis, deelneemt aan activiteiten en/of opdrachten die de werking en organisatie van de school en de daaraan verbonden groepen, in hun totaliteit ten goede komen.

 

3.11.2. ORGANISATIE EN JURIDISCH STATUUT.

Schoolbestuur                       V.Z.W. Katholiek Basisonderwijs Herzele

Onderwijsinstelling                 Vrije Basisschool Borsbeke

Sociale doelstelling                 Basisonderwijs verstrekken

Verantwoordelijke(n) gemandateerde(n) voor ondertekening en/of informatie over “rechten en plichten van de organisatie en de vrijwilliger”: Karlien Teirlinck: directeur

Verantwoordelijke van de organisatie, die moet verwittigd worden in geval van een ongeval: Karlien Teirlinck, directeur Tel: 0477/48 93 18

 

3.11.3. VERZEKERINGEN.

Verplichte verzekering. :

Waarborgen:   de school heeft een verzekeringscontract afgesloten tot dekking van de burgerlijke aansprakelijkheid, met uitzondering van de contractuele aansprakelijkheid, van de organisatie en de vrijwilliger.

Vrije verzekering:

Waarborgen : De school heeft een verzekeringscontract afgesloten tot dekking van de lichamelijke schade die geleden is door vrijwilligers bij ongevallen tijdens de uitvoering van het vrijwilligerswerk of op weg van en naar de activiteit.

 

3.11.4. VERGOEDINGEN.

De school betaalt geen enkele vergoeding, noch in speciën noch in natura, voor vrijwilligerswerk behalve de reële onkosten die een vrijwilliger zou moeten maken voor de deelname aan de georganiseerde activiteit en dit enkel mits voorlegging van de nodige bewijsstukken.

 

3.11.5. AANSPRAKELIJKHEID.

De organisatie is verantwoordelijk voor de schade die de vrijwilliger aan derden veroorzaakt bij het verrichten van vrijwilligerswerk.

Ingeval de vrijwilliger bij het verrichten van vrijwilligerswerk de organisatie of derden schade berokkent, is hij enkel aansprakelijk voor zijn bedrog en zijn zware schuld.

Voor lichte schuld is hij enkel aansprakelijk als die hem eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt.

 

3.11.6. GEHEIMHOUDINGSPLICHT.

Bij vrijwilligerswerk bestaat de kans dat je als vrijwilliger geheimen verneemt waarvoor een geheimhoudingsplicht bestaat.  Het gaat dan vooral om vrijwilligerswerk bij telefonische hulpverlening als Tele-onthaal, de Zelfmoordlijn waarbij je in contact komt met vertrouwelijke informatie.  Bij vrijwilligerswerk op school is geheimhoudingsplicht normaal gezien niet van toepassing.  Een vrijwilliger gaat discreet om met de informatie die hem of haar is toevertrouwd.

 

3.11.7. WEDERZIJDSE RECHTEN EN PLICHTEN.

De vrijwilliger heeft recht op informatie over zijn activiteiten, de afbakening van het werkveld en de werktijden, een contactpunt bij conflicten en over de nodige uitrusting.

De organisatie heeft recht op een correcte deontologische houding van de vrijwilliger met betrekking tot het naleven van de onderlinge afspraken en het respecteren van de afbakening van werkveld en werktijden.

 

3.11.8. KENNISNAME EN AKKOORD.

De ondertekening van het formulier “Kennisname en akkoord schoolreglement en pedagogisch project” geldt als bewijs van akkoord voor de ouders vrijwilligers. Aan de vrijwilligers die geen kinderen hebben op school, zal de tekst bij hun eerste vrijwilligerstaak ter ondertekening worden voorgeld. Deze ondertekening geldt dan zolang er geen wijzigingen aan de wetgeving terzake gebeurt.

 

3.12. Privacy

3.12.1. WELKE INFORMATIE HOUDEN WE OVER JE BIJ?

Op onze school gaan we zorgvuldig om met de privacy van onze leerlingen.  We verzamelen doorheen de schoolloopbaan van je kind heel wat gegevens, zoals bij de inschrijving.  We vragen alleen gegevens van je kind op als dat nodig is voor de leerlingenadministratie en -begeleiding.   Bij sommige aspecten van de leerlingenbegeleiding hebben we je uitdrukkelijk toestemming nodig. 

De gegevens van je kind verwerken we hierbij met informat.  We maken met de softwareleveranciers afspraken over het gebruik van die gegevens.  De leveranciers mogen de gegevens niet gebruiken voor eigen commerciële doeleinden.

De gegevens van je kind worden digitaal bewaard en veilig opgeslagen.  We zien erop toe dat niet zomaar iedereen toegang heeft tot die gegevens.  De toegang is beperkt tot de personen die betrokken zijn bij de begeleiding van je kind, zoals de klassenraad, het CLB en de ondersteuner. 

Om gepast te kunnen optreden bij risicosituaties, kunnen we uitzonderlijk ook gegevens over de gezondheidstoestand van je kind verwerken, maar dat gebeurt enkel met je schriftelijke toesteming.  Je kan je toestemming altijd intrekken. 

Als je vragen hebt over de privacy rechten van je kind, kan je contact opnemen met de directie.

 

3.12.2. OVERDRACHT VAN LEERLINGENGEGEVENS BIJ SCHOOLVERANDERING

Bij een schoolverandering worden leerlingengegevens overgedragen aan de nieuwe school onder de volgende voorwaarden: De gegevens hebben enkel betrekking op de leerling specifieke onderwijsloopbaan en de overdracht gebeurt enkel in het belang van de persoon op wie de onderwijsloopbaan betrekking heeft. Als ouder kan je deze gegevens – op je verzoek - inzien. Je kan je tegen de overdracht van deze gegevens verzetten, voor zover de regelgeving de overdracht niet verplicht stelt.  Je brengt de directeur binnen de tien kalenderdagen na de schoolverandering hiervan schriftelijk op de hoogte.

Gegevens die betrekking hebben op schending van leefregels door je kind zijn nooit tussen scholen overdraagbaar.  Wij zijn decretaal verplicht een kopie van een gemotiveerd verslag of een verslag dat toegang geeft tot het buitengewoon onderwijs aan de nieuwe school door te geven.  

 

3.12.3. PUBLICATIE VAN BEELD- OF GELUIDSOPNAMES (FOTO’S, FILMPJES …)

We publiceren geregeld beeld- of geluidsopnames van leerlingen op onze website en dergelijke.   Met die opnames willen we geïnteresseerden op school en daarbuiten op een leuke wijze informeren over onze activiteiten.  De personen die de opnames maken, zullen dat steeds doen met respect voor wie op de beelden staat.  We letten erop dat de opnames niet aanstootgevend zijn.

Bij het begin van het schooljaar vragen we jou als ouder om toestemming voor het maken en publiceren van deze beeldopnamen. Ook al heb je toestemming gegeven, je kan altijd je toestemming nog intrekken.

We wijzen erop dat deze regels ook voor je kind gelden.  Volgens de privacyregelgeving mag je beeld- of geluidopnames maar op medeleerlingen, personeelsleden van de school of andere personen herkenbaar zijn, niet publiceren of doorsturen tenzij je de uitdrukkelijke toestemming hebt van alle betrokkenen. 

Op school mogen enkel personeelsleden of personen die daarvoor een opdracht hebben gekregen, bv de schoolfotograaf, beeld- of geluidsopnames maken. 

 

3.12.4. RECHT OP INZAGE, TOELICHTING EN KOPIE

Je kan als ouder ook zelf gegevens opvragen die we over je kind bewaren. Je kan inzage krijgen in en uitleg bij de gegevens.  Ook kan je een (digitale) kopie ervan vragen.  Dan kan door schriftelijk contact op te nemen met de directeur.  We kunnen geen gegevens doorgeven die betrekking hebben op anderen, zoals medeleerlingen. 

 

3.12.5. BEWAKINGSCAMERA

Wij kunnen gebruik maken van bewakingscamera’s.  De plaatsen die onder camerabewaking staan worden duidelijk aangeduid met een pictogram.  Iedereen die gefilmd werd, mag vragen om die beelden te zien, maar dat kan enkel bij een grondige reden. 

 

4.1.  Herstel- en sanctioneringsbeleid

Kinderen maken nu en dan fouten.   Dat is eigen aan het groeiproces van elk kind.  Kinderen kunnen leren uit de fouten die ze maken.  Onze school wil hierop inzetten door dialoog en herstel alle kansen te geven. In overleg met de betrokkenen gaan we op zoek naar een gepaste maatregel of een mogelijke oplossing.  Op die manier kunnen kinderen mee de verantwoordelijkheid nemen om een oplossing te zoeken voor het conflict of om hun fout goed te maken.  Hiermee sluiten we als school tuchtmaatregelen niet uit.  Het betekent wel dat we heel bewust ervoor kiezen om in bepaalde gevallen een tuchtmaatregel op te leggen. 

 

4.1.1. BEGELEIDENDE MAATREGELEN

Wanneer je kind de goede werking van de school of het lesverloop hindert, kunnen we in overleg met je kind en eventueel met jou een begeleidende maatregel voorstellen.  De school wil hiermee je kind helpen tot gewenst gedrag te komen. 

Een begeleidende maatregel kan zijn:

  • een gesprek me de leerling,
  • een time out: je kind kan op basis van gemaakte afspraken zelfstandig of op vraag van de leerkracht nar de timp-out ruimte gaan.Zo kan je kind even tot rust komen of nadenken over wat er is gebeurd.Achteraf wordt dit kort met je kind besproken;
  • Een begeleidingsplan: hierin leggen we samen met jou en je kind een aantal afspraken vast waarop je kind zich meer zal focussen.Je kind krijgt de kans om zelf afspraken voor te stellen waar het dan mee verantwoordelijk voor is.De afspraken uit het begeleidingsplan worden samen met je kind opgevolgd.

 

4.1.2. HERSTEL

Vanuit een cultuur van verbondenheid wil de school bij een conflict op de eerste plaats inzetten op herstel.  We nodigen de betrokkenen uit om na te denken over wat er is gebeur en om hierover met elkaar in gesprek te gaan.

Een herstelmaatregel kan zijn:

  • Een herstelgesprek tussen de betrokkenen;
  • Een herstel cirkel op niveau van de leerlingengroep;
  • Een bemiddelingsgesprek;
  • No blame-methode bij een pestproblematiek;
  • Een herstelgericht groepsoverleg: dit is een gesprek tussen de betrokken leerlingen, in bijzijn van bijvoorbeeld ouder of vertrouwensfiguren, onder leiding van een onafhankelijk persoon.Tijdens dit groepsoverleg zoekt iedereen samen naar een oplossing voor wat zich heeft voorgedaan. De directeur of zijn afgevaardigde kan een tuchtprocedure voor een onbepaalde tijd uitstellen om dit groepsoverleg te laten plaatsvinden. Hij brengt je dan per brief op de hoogte.

 

4.1.3. ORDEMAATREGELEN

Wanneer je kind de goede werking van de school hindert of het lesverloop -    stoort, kan door elk personeelslid van de school een ordemaatregel genomen worden.  Tijdens een ordemaatregel blijft je kind op school aanwezig.

Een ordemaatregel kan zijn:

  • Een verwittiging in de agenda;
  • Een strafwerk;
  • Een specifieke opdracht;
  • Een tijdelijke verwijdering uit de les met aanmelding bij de directie.

Tegen een ordemaatregel is er geen beroep mogelijk. 

 

4.1.4. TUCHTMAATREGELEN

Let op: wanneer we spreken over directeur, hebben we het over de directeur of zijn afgevaardigde. 

Wanneer het gedrag van je kind de goede werking van school ernstig verstoort of de veiligheid en integriteit van zichzelf, medeleerlingen, personeelsleden of anderen belemmert, dan kan de directeur een tuchtmaatregel nemen.  Een tuchtmaatregel kan enkel toegepast worden op een leerplichtige leerling in het lager onderwijs.

Mogelijke tuchtmaatregelen zijn

  • een tijdelijke uitsluiting van minimaal één schooldag en maximaal vijftien opeenvolgende schooldagen;
  • een definitieve uitsluiting

Preventieve schorsing als bewarende maatregel
In uitzonderlijke situaties kan de directeur bij het begin van de tuchtprocedure beslissen om je kind preventief te schorsen. Deze bewarende maatregel dient om de leefregels te handhaven én om te kunnen nagaan

of een tuchtsanctie aangewezen is.

De beslissing tot preventieve schorsing wordt schriftelijk en gemotiveerd aan jou meegedeeld aan de ouders van de betrokken leerling. De directeur bevestigt deze beslissing in de brief waarmee de tuchtprocedure wordt opgestart. De preventieve schorsing kan onmiddellijk ingaan en duurt in principe niet langer dan vijf opeenvolgende schooldagen. Uitzonderlijk kan deze periode eenmalig met vijf opeenvolgende schooldagen verlengd worden, indien door externe factoren het tuchtonderzoek niet binnen die eerste periode kan worden afgerond. De directeur motiveert deze beslissing.

Procedure tot tijdelijke en definitieve uitsluiting

Let op: wanneer we in dit punt spreken over ‘dagen’, bedoelen we telkens alle dagen (zaterdagen, zondagen, wettelijke en reglementaire feestdagen niet meegerekend.)

Bij het nemen van een beslissing tot tijdelijke en definitieve uitsluiting wordt de volgende procedure gevolgd:

  1. De directeur wint het advies van de klassenraad in en stelt een tuchtdossier samen. In geval van een definitieve uitsluiting wordt de klassenraad uitgebreid met een vertegenwoordiger van het CLB die een adviserende stem heeft.
  2. De leerling, zijn ouders en eventueel een vertrouwenspersoon worden per aangetekende brief uitgenodigd voor een gesprek met de directeur. Een personeelslid van de school of van het CLB kan bij een tuchtprocedure niet optreden als vertrouwenspersoon van de ouders en hun kind. Het gesprek zelf vindt ten vroegste plaats op de vierde dag na verzending van de brief.
  3. Voorafgaand aan het gesprek hebben de ouders en hun vertrouwenspersoon inzage in het tuchtdossier, met inbegrip van het advies van de klassenraad.
  4. Na het gesprek neemt de directeur een beslissing. Deze beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en binnen een termijn van vijf dagen aangetekend aan de ouders van de betrokken leerling bezorgd. De beslissing vermeldt de beroepsmogelijkheden bij een definitieve uitsluiting.

Als ouders geen inspanning doen om hun kind in een andere school in te schrijven , krijgt de uitsluiting effectief uitwerking na één maand ( vakantiedagen niet meegerekend ). Is het kind één maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een andere school ingeschreven, dan is de oude school niet langer verantwoordelijk voor de opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn de ouders die erop moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet. Het CLB kan mee zoeken naar een oplossing.

Ten gevolge van een definitieve uitsluiting in het huidige, het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar, kan het schoolbestuur de betrokken leerling weigeren opnieuw in te schrijven.

Opvang op school in geval van preventieve schorsing en (tijdelijke en definitieve) uitsluiting

Wanneer je kind tijdens een tuchtprocedure preventief geschorst wordt of na de tuchtprocedure tijdelijk wordt uitgesloten, is je kind in principe op school aanwezig, maar neemt die geen deel aan de lessen of activiteiten van zijn leerlingengroep. De directeur  kan beslissen dat de opvang van je kind niet haalbaar is voor de school. Deze beslissing wordt schriftelijk en gemotiveerd bekend gemaakt aan de ouders.

In geval van een definitieve uitsluiting heb je als ouder één maand de tijd om je kind in een andere school in te schrijven. In afwachting van deze inschrijving is je kind in principe op school aanwezig, maar neemt het geen deel aan de activiteiten van zijn leerlingengroep. De directeur kan beslissen dat de opvang van je kind niet haalbaar is voor de school. Deze beslissing wordt schriftelijk en gemotiveerd bekend gemaakt aan de ouders.

Beroepsprocedure na een definitieve uitsluiting

Ouders kunnen tegen de beslissing tot definitieve uitsluiting beroep aantekenen. De procedure gaat als volgt:

  1. Binnen vijf dagen na ontvangst van de beslissing tot definitieve uitsluiting kunnen ouders beroep indienen bij de voorzitter van het schoolbestuur.Dit kan via aangetekende brief of door de brief tegen ontvangstbewijs op school af te geven.

Emmanuel De Coen, V.Z.W. KBO Herzele, Kerkstraat 12, 9550 Herzele

Het verzoekschrift moet aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • Het verzoekschrift is gedateerd en ondertekend;
  • Het verzoekschrift bevat het voorwerp van beroep met feitelijke omschrijving en motivering waarom de definitieve uitsluiting betwist wordt. Hierbij kunnen overtuigingsstukken toegevoegd worden.
  1. Wanneer het schoolbestuur een beroep ontvangt, zal het een beroepscommissie samenstellen. In de beroepscommissie, zitten zowel mensen die aan de school of het schoolbestuur verbonden zijn als mensen die dat niet zijn. Het gaat om een onafhankelijke commissie die de klacht van de ouders grondig zal onderzoeken.
  2. De beroepscommissie zal steeds de ouders en de leerling uitnodigen voor een gesprek. Zij kunnen zich daarbij laten bijstaan door een vertrouwenspersoon. In de brief met de uitnodiging zal staan wie de leden van de beroepscommissie zijn. Deze samenstelling blijft ongewijzigd tijdens de verdere procedure, tenzij het door ziekte, overmacht of onverenigbaarheid noodzakelijk zou zijn om een plaatsvervanger aan te duiden. Het gesprek gebeurt ten laatste tien dagen nadat het schoolbestuur het beroep heeft ontvangen.Het is enkel mogelijk om een gesprek te verzetten bij gewettigde reden of overmacht.De schoolvakanties schorten de termijn van tien dagen op.
  3. De beroepscommissie streeft in zijn zitting naar een consensus.  De beroepscommissie zal de betwiste beslissing ofwel bevestigen ofwel vernietigen ofwel het beroep gemotiveerd afwijzen wegens het niet naleven van de vormvereisten.
  4. De voorzitter van de beroepscommissie zal de gemotiveerde beslissing binnen een termijn van vijf dagen met een aangetekende brief aan de ouders meedelen. De beslissing is bindend voor alle partijen.

Het beroep schort de uitvoering van de beslissing tot uitsluiting niet op.

Heeft uw kind problemen met de medeleerlingen, dan wordt van u als ouder verwacht dat u zich eerst tot de klastitularis richt om het probleem op een opbouwende manier uit te klaren. Daarna kan u zich eventueel tot de directie wenden. Wij kunnen echter niet dulden dat onze kinderen op school of in de onmiddellijke omgeving ervan door andere ouders of personen verbaal of lichamelijk terechtgewezen worden.

 

5.1. Klachtenregeling

Wanneer je ontevreden bent met beslissingen, handelingen of gedragingen van ons schoolbestuur of zijn personeelsleden, of met het ontbreken van bepaalde beslissingen of handelingen, dan kan je contact opnemen met de directeur of voorzitter van het schoolbestuur. 

Samen met jou zoeken we dan naar een afdoende oplossing. Als dat wenselijk is, kunnen we in onderling overleg een beroep doen op een professionele conflictbemiddelaar om via bemiddeling tot een oplossing te komen.

Als deze informele behandeling niet tot een oplossing leidt die voor jou volstaat, dan kan je je  klacht in een volgende fase voorleggen aan de Klachtencommissie. Deze commissie is door Katholiek Onderwijs Vlaanderen aangesteld om klachten van leerlingen en ouders over gedragingen en beslissingen van/door hun schoolbestuur, formeel te behandelen.  Voor het indienen van een klacht moet je een brief sturen naar het secretariaat van de Klachtencommissie. Het correspondentieadres is:

Klachtencommissie Katholiek Onderwijs Vlaanderen

t.a.v. de voorzitter van de Klachtencommissie
Guimardstraat 1
1040 Brussel

Je klacht kan tevens worden ingediend per e-mail of via  het daartoe voorziene contactformulier op de website van de Klachtencommissie.

De commissie zal de klacht enkel inhoudelijk behandelen als ze ontvankelijk is, dat wil zeggen als ze aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • de klacht moet betrekking hebben op feiten die niet langer dan 6 maanden geleden hebben plaatsgevonden. We rekenen vanaf de laatste gebeurtenis waarop de klacht
  • de klacht mag niet anoniem zijn.Omdat de klachtencommissie een klacht steeds onbevooroordeeld en objectief behandelt, betrekt ze alle partijen, dus ook het schoolbestuur.
  • de klacht mag niet gaan over een feit of feiten die de klachtencommissie al heeft behandeld.
  • de klacht moet eerst aan het schoolbestuur zijn voorgelegd. De ouders moeten hun klacht ten minste hebben besproken met de contactpersoon die hierboven staat vermeld én het schoolbestuur de kans hebben gegeven om zelf op de klacht in te gaan.
  • de klacht moet binnen de bevoegdheid van de Klachtencommissie vallen. De volgende zaken vallen niet onder haar bevoegdheid:
  • klachten over feiten die het voorwerp uitmaken van een gerechtelijke procedure (bv. die betrekking hebben over een misdrijf);
  • klachten die betrekking hebben op het algemeen beleid van de overheid of op de geldende decreten, besluiten, ministeriële omzendbrieven of reglementen;
  • klachten die uitsluitend betrekking hebben op de door het schoolbestuur al dan niet genomen maatregelen in het kader van zijn ontslag-, evaluatie-, of tuchtbevoegdheid t.a.v. personeelsleden;
  • klachten waarvoor al een specifieke regeling en/of behandelende instantie bestaat (bv. over inschrijvingen, de bijdrageregeling, de definitieve uitsluiting, een evaluatiebeslissing …).

Het verloop van de procedure bij de Klachtencommissie is vastgelegd in het huishoudelijk reglement.

De Klachtencommissie kan een klacht enkel beoordelen. Zij kan het schoolbestuur een advies bezorgen, maar geen bindende beslissingen nemen. De uitkomst van deze klachtenregeling heeft dan ook geen juridisch effect.  De eindverantwoordelijkheid ligt steeds bij het schoolbestuur. Tegen een advies van de Klachtencommissie kan niet in beroep worden gegaan.

Bij een klacht verwachten we van alle betrokkenen steeds de nodige discretie en sereniteit.

 

6 LEEFREGELS

 

6.1. Organisatie van de school

6.1.1. SCHOOLUREN

's Morgens beginnen de lessen om 8.45u. en eindigen om 11.55u. (op woensdag om 11.40u.)

's Namiddags starten we om 13.00u. en eindigen om 15.30u.

Niemand verlaat de school zonder toestemming van de directie of afdelingsverantwoordelijke. Bij afwezigheid van deze geeft de toezichthoudende of verantwoordelijke leerkracht al dan niet de toestemming.

Om de veiligheid van onze leerlingen te kunnen blijven waarborgen zal de schoolpoort

's middags gesloten zijn tot 12.45u.; de leerlingen die thuis eten worden pas na 12.45u. op school terug verwacht.  Om veiligheidsredenen kan de schoolpoort ook tijdens de lesuren gesloten worden.

Om de leerkrachten in staat te stellen hun toezicht naar behoren uit te voeren worden de ouders verzocht de leerlingen slechts te begeleiden tot aan de schoolpoort.  Om veiligheidsredenen worden geen ouders op de speelplaats toegelaten, tenzij u een leerkracht wenst te spreken.  Ouders van nieuwe peuters kunnen tot de volgende instapdatum steeds met hun kapoen wachten tot het belteken.  Bij het einde van de lessen wachten de ouders de kinderen op aan de schoolpoort of aan de witte lijn.  Een leerkracht zal de schoolpoort openen.

 

6.1.2. VOOR- EN NASCHOOLSE OPVANG

Er is opvang door de gemeentelijke opvangdienst "de Buiteling" in de school                    (vanaf 6.30u tot 18.30u)          

Voor meer info, neem contact op met 053/60 70 70 – Gemeente Herzele, dienst naschoolse kinderopvang. 

 

6.1.3. TE LAAT KOMEN

Te laat komen stoort het klasgebeuren.  Ouders zien er op toe dat hun kind  op tijd vertrekt.

Zowel in kleuter- als in het lager onderwijs worden de kinderen dus TIJDIG op school verwacht. De ouders worden eveneens verzocht tijdens de klasuren de lessen niet te storen, tenzij er ernstige en dwingende redenen voorhanden zijn.

 

6.1.4. ORGANISATIE VAN DE OUDERCONTACTEN

september      : info-avond

nov-dec           : individueel oudercontact

februari           : individueel oudercontact (bij zorgen)

juni                  : individueel oudercontact

De school engageert zich om in gesprek te gaan over zorgen en vragen t.a.v. de evolutie van je kind . Wij verwachten van de ouders dat zij zich ook samen met de school engageren om nauw samen te werken rond de opvoeding van je kind.

 

6.1.5. AGENDA’S, HUISWERK EN RAPPORTEN

Schoolagenda

De schoolagenda is een zeer belangrijk bindmiddel tussen ouders en school.  Als ouder vindt u er de dagelijkse opgelegde werken en lessen van uw kind in terug.  In de agenda kunnen de ouders eveneens boodschappen en mededelingen schrijven.

Omdat uw kind zich zou gesteund en gevolgd voelen, is het belangrijk de agenda dagelijks in te kijken en minstens éénmaal per week te handtekenen (op vrijdag).

In de kleuterklassen beschikken de kleuters over een heen- en weerboekje of verloopt de communicatie via mail.

 

Huistakenbeleid

Huiswerk is voor ons, de leerkrachten van deze school, belangrijk.  We zien huiswerk in de eerste plaats als een extra inoefenen van de geziene leerstof.

Door huiswerk maken, leren onze kinderen ook zelfstandig te werken.  Op die manier bereiden we hen stapje voor stapje voor op werken in het secundair onderwijs. 

Om onze doelstellingen bij huiswerk te realiseren, rekenen we op u, de ouders.  Met uw hulp en dagelijkse interesse voor het huiswerk van uw kind blijven we onze kinderen motiveren en helpen we hen in het steeds zelfstandiger worden. 

 

Wat verwachten we van jullie als ouder

WEL:

  • In de eerste plaats is het belangrijk dat u goede omstandigheden aan uw kind aanbiedt.Een rustige werksfeer, wat plaats, warmte, licht, …
  • Toon interesse in het huiswerk van uw kind, moedig uw kind aan om aan de huistaak te beginnen.
  • Controleer of het huiswerk is gemaakt.
  • Elk kind heeft graag een luisterend oor als het hardop leest.
  • Uiteindelijk is het ook belangrijk te onderstrepen dat het kind het huiswerk zelfstandig moet maken.We proberen steeds een opdracht te geven die het kind aankan, maar foutjes maken mag.De foutjes tonen aan de juf of de meester welke problemen het kind nog heeft met de geziene leerstof.

NIET:

  • We verwachten niet dat u extra uitleg hoeft te geven wanneer uw kind iets niet begrijpt.Moedig uw kind aan om raad te vragen aan de juf of meester.
  • De juf verbetert de huistaak.
  • Geef uw kind geen extra oefeningen als het iets niet begrijpt.Er zijn grenzen aan huiswerk en een kind heeft ook nog behoefte aan spel en vrije tijd.

Opmerking:

  • Huiswerk kan ook uit werkboeken komen.Werkboeken van Taal – Wiskunde – Frans en Wero worden wekelijks meegegeven naar huis zodat ouders kunnen zien wat er op school geleerd wordt.
  • Als het huiswerk niet in orde is, moet het tegen de volgende dag gemaakt worden.
  • Mochten er toch nog vragen zijn, aarzel dan niet om contact op te nemen met de leerkracht van uw kind.
  • U, als ouder, mag het huiswerk steeds stopzetten als de tijd overschreden wordt.Noteer dit dan wel op de huistaak of in de agenda.

Huiswerkafspraken op school

 

 

Inhoud

 

Frequentie

Tijdsinvestering

1L

  • Lezen (1 à 2 blz.)
  • Rekentaak of schrijftaak (1 blad)

Elke dag (lezen)

15 min

2L

  • Lezen (1à 2 blz.)
  • Rekentaak of schrijftaak (1 à 2 blz)

Elke dag (lezen)

15 min – 30 min

3L

  • Lezen
  • Rekentaak of schrijftaak (1 à 2 blz)

Elke dag (er kan 1 huiswerkvrije dag zijn)

30 min

4L

  • Lezen
  • Rekentaak of schrijftaak (2blaadjes)

Elke dag (er kan 1 huiswerkvrije dag zijn)

30 - 45 min

5L

  • Rekentaak
  • Schrijftaak (2 blz)
  • Frans

Elke dag

45 min – 1u

6L

  • Rekentaak
  • Schrijftaak (2 blz)
  • Frans

Elke dag

1u

 

Rapporten

Rapporten brengen een verslag uit over de studieresultaten en de leer-/leefhouding van uw kind.  Ze bieden u de gelegenheid om uw kind op de voet te volgen.  Naast de rapporten ontvangen de leerlingen ook de toetsen waardoor u als ouder een beter zicht krijgt op de foutenanalyse van bepaalde vakonderdelen. De data (5X per schooljaar) worden in een afzonderlijk schrijven meegedeeld.  Het rapport wordt door één van beide ouders ondertekend.

 

Leerlingenbegeleiding

Onze zorgwerking wordt gedragen door onze visie: Elk kind heeft talent en dat willen we ontdekken en mee helpen ontplooien. Ieder kind moet een omgeving krijgen en desgevallend de nodige aanpassingen zodat het duurzaam kan groeien op zijn/haar niveau, aan zijn/haar tempo en in verbondenheid met en respect voor elkaar. Hier willen we op deze school samen aan bouwen.

In onze school wordt de zorgwerking gecoördineerd en uitgevoerd door verschillende mensen: de klasleerkrachten, de zorgcoördinator, de zorgleerkrachten en de directie.

Met onze zorgwerking willen we zowel zorgvragen voorkomen als tegemoet komen aan de noden en behoeften die kinderen en hun ouders hebben.

We doen dit door acties op niveau van het individuele kind, maar ook op niveau van de klas of de hele school.

Deze zorgvragen en acties kunnen heel uiteenlopend zijn. We richten ons dan ook zowel op de culturele (m.a.w. de vakinhoudelijke) ontwikkeling als op de persoonlijke ontwikkeling. Daartoe organiseren we o.a. hoekenwerk, klasdoorbrekende activiteiten, differentiatie op drie sporen, kwartierlezen, boekenklas, relaxatiemomenten, leerlingenraad, ...

Wanneer een leerling of zijn omgeving moeilijkheden ervaart, staan we erop om met alle betrokkenen rond de tafel te gaan zitten en open te communiceren om zo samen tot de beste oplossing te komen. We vinden transparantie belangrijk en willen ouders altijd betrekken als experten in de opvoeding van hun zoon/dochter.

Wanneer het hierbij nodig is om externen uit te nodigen, is dat zeker geen probleem. We zijn gewoon samen te werken met revalidatiecentra, logopedisten, CLB, ondersteuningsnetwerk, ...

Al onze acties houden we bij in een digitaal zorgdossier om opvolging en continuïteit te verzekeren.

Als de leerlingen naar het secundair vertrekken, ontvangen ze van de school een BASO-fiche. Dit is een fiche waarin omschreven staat welke talenten uw zoon/dochter heeft en op welke manieren hij/zij best geholpen kan worden waar dit nodig is. Het is de bedoeling dat de ouders deze BASO-fiche afgeven bij inschrijving in de secundaire school. Dit om de zorg zo goed mogelijk te kunnen laten doorgaan na het basisonderwijs.

 

6.1.6. LESSEN LICHAMELIJKE OPVOEDING EN ZWEMMEN

Lichamelijke opvoeding en zwemmen in de kleuterschool

De kleuters hebben 2 uur per week bewegingsopvoeding.  Het is wenselijk dat de kleuters vanaf de tweede kleuterklas turnpantoffels aanschaffen.  De kleuters van de 3e kleuterklas gaan in het 3e trimester enkele malen zwemmen in het zwembad ‘Bevegemse Vijvers’ te Zottegem.

Lichamelijke opvoeding en zwemmen in de lagere school.

Wekelijks worden door de Vlaamse Gemeenschap twee uur bewegingsopvoeding voorgeschreven.  Net als alle andere lessen zijn dit ook verplichte lessen.  Enkel een attest (van de dokter, eventueel van uzelf) kan uw kind ontslaan van deelname.

Het turnuniform van de lagere school bestaat uit een T-shirt met schoolembleem, een  zwart of donkerblauw broekje en witte turnpantoffels.  Een T-shirt kan op school bij het begin van het schooljaar besteld worden.  De leerlingen dragen bij elke turnles het volledig uniform.  Het omkleden gebeurt op school.  De ouders worden verzocht de kledingstukken te willen naamtekenen.

De leerlingen gaan zwemmen in het zwembad ‘Bevegemse Vijvers’ te Zottegem.  Wij streven ernaar om dit met elke leeftijdsgroep (van de lagere school) 6x/jaar te doen.

 

6.1.7. VERLOFDAGEN SCHOOLJAAR 2018-2019

Herfstvakantie: 29 oktober 2018 - 2 november 2018
Wapenstilstand: 11 november 2018 (zondag)
Kerstvakantie: 24 december 2018 – 4 januari 2019
Krokusvakantie: 4 maart – 8 maart 2019
Paasvakantie: 8 april  – 22 april 2019
Dag van de Arbeid: 1 mei 2019
Hemelvaart: 30 – 31 mei 2019
Pinkstermaandag: 10 juni 2019

Lokale verlofdagen

Maandag 1 oktober 2018
Vrijdag 1 februari 2019

Pedagogische studiedagen

Woensdag 26 september 2018

Woensdag 14 november 2018

Woensdag 20 februari 2019

 

6.2. Afspraken en leefregels

6.2.1.   MAALTIJDEN - DRANKEN

In alle vestigingen kunnen de leerlingen een warm middagmaal gebruiken.

(soep + hoofdschotel  + water)

Voorziene dranken : soep, melk, choco, sinaasappelsap, multi-sap, water

Leerlingen die 's middags een lunchpakket nuttigen dienen eveneens een handdoek

mee te brengen als onderlegger.

 

6.2.2.   SNOEPEN OP SCHOOL

Wij willen onze leerlingen aanzetten tot gezonde voeding.  Vandaar dat wij het snoepen op school tot een minimum willen beperken. Alleen een stuk fruit of een droge koek zijn toegelaten.

 

6.2.3.   VERJAARDAGEN VIEREN

Of onze leerlingen nu 3 of 12 jaar worden, hun verjaardag is op school altijd een speciale dag. Sommige ouders hebben de gewoonte  om de  klasgenootjes van hun kind  te trakteren.

Aangezien wij onze leerlingen willen aanzetten tot gezonde voeding moeten wij ook hier pakjes met snoep afraden. Indien gewenst kan u kiezen voor een klasgeschenk (boekenbon, speelgoedbon,…..)

 

6.2.4.   MILIEUBEWUSTZIJN

De voorbije jaren heeft de afvalberg op school grote proporties aangenomen.

Om milieubewuste redenen moeten wij u dan ook verzoeken zo weinig mogelijk producten met restafval  aan uw kinderen mee te geven (blikjes kunnen we niet meer toelaten).

De drankjes op school worden meestal aangeboden in recycleerbare glazen flesjes.

We kunnen u deze kwaliteitsdrankjes dan ook warm aanbevelen.

Om onze afvalberg te verkleinen nemen alle leerlingen die ’s middags op school eten bij voorkeur een drankje in de refter.

Het lunchpakket dient in een genaamtekende brooddoos verpakt te worden.

Een genaamtekende hervulbare drinkbus is te verkiezen boven brikjes.

 

6.2.5.   SCHOOLGEREI

Handboeken en schoolmateriaal worden door de school gratis ter beschikking gesteld aan iedere leerling.  Zorg dragen voor dit materiaal zal nodig zijn, schoolbehoeften zijn immers enorm duur.  Het is onnodig nutteloze uitgaven te doen bij het begin van het schooljaar.  Aangekocht schoolgerief (boekentas, pennenzak,…) is eenvoudig, doch degelijk en efficiënt.  Modeartikelen en onbelangrijke prulletjes zijn vaak een belemmering voor bv. schrijftechniek, het meten, ... Overtollige ballast in de boekentas schept enkel wanorde.  In de boekentas hoort alleen het nodige schoolgerief.

Opzettelijke beschadiging van schoolmateriaal en -materieel zal door de ouders worden vergoed.

 

6.2.8.   KLEDIJ, UITERLIJK EN OMGANGSVORMEN

Van onze leerlingen wordt verwacht dat zij zowel binnen als buiten de school hoffelijk en beleefd zijn. Zij spreken een beschaafde taal. Zij groeten de directeur, de leerkrachten en alle andere personen die in schoolverband werken. Ook buiten de school  gedragen de leerlingen zich voornaam.

We streven bij onze leerlingen een houding na van verdraagzaamheid en respect t.o.v. mekaar en mekaars materiaal. Conflicten leren we uitpraten en we bannen een agressieve houding op school. Conflicten, ruzies, melden we aan onze titularis die zal bemiddelen. Leerlingen kunnen zich ook wenden tot de zorgbegeleider en/of de directie.

Kledij, schoeisel en haartooi zijn eenvoudig , stijlvol en hygiënisch .We nemen afstand van modegrillen of ideologische bewegingen die zich manifesteren door speciale haartooi, kledij of andere symbolen. Oorringen voor jongens en extravagante uitwendige sieraden voor meisjes zijn verboden alsook voorwerpen die als wapen kunnen gebruikt worden.

Het dragen van dure sieraden, kettinkjes of ringen is af te raden. De school kan niet aansprakelijk gesteld worden voor het verlies, beschadigen of verdwijnen ervan. Tijdens de zwem- en turnlessen is het dragen van ringen, kettingen en uurwerken omwille van de veiligheid verboden.

 

6.2.9.    PERSOONLIJKE BEZITTINGEN

De school kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor verlies of beschadiging van persoonlijk speelgoed. We moeten u dan ook verzoeken alle waardevolle materialen thuis te laten.

Het gebruik van gsm-toestellen en andere multimedia-apparatuur op school en tijdens extra-murosactiviteiten ( vb. openluchtklassen ) is niet toegelaten.  

 

6.2.10. REVALIDATIE / LOGOPEDIE TIJDENS DE LESTIJDEN

Na het voldoen aan verschillende voorwaarden kan revalidatie/logopedie gevolgd worden tijdens de schooluren. Hierover vindt u meer info bij gewettigde afwezigheden.

 

6.2.11. KRIEBELBEESTJES

Alle scholen worden geconfronteerd met hoofdluizen bij de leerlingen.

Gelieve het haar van uw kinderen regelmatig te controleren en passende maatregelen

te nemen. De school dient onmiddellijk verwittigd te worden indien u luizen vaststelt.

 

6.2.12. ECHTSCHEIDINGEN

Scheiden is een emotioneel proces. Voor kinderen die deze ‘verliessituatie’ moeten verwerken, wil de school een luisterend oor, openheid, begrip en wat extra aandacht bieden.

De school is bij een echtscheiding geen betrokken partij. Beide ouders, samenlevend of niet, staan gezamenlijk in voor de opvoeding van hun kinderen, binnen de grenzen die gebeurlijk door een  rechter bepaald zijn met betrekking tot het ouderlijk gezag.

Wanneer de ouders niet meer samenleven, maakt de school met beide ouders (op hun vraag) afspraken over de wijze van informatiedoorstroming (o.a. agenda, brieven) en de manier waarop beslissingen over het kind worden genomen.  Is er een vonnis van de rechter, dan volgt de school de afspraken zoals opgelegd door de rechter.

Kinderen tijdens het schooljaar laten school lopen op twee verschillende scholen (co-schoolschap) laat de school niet toe. Wij staan voor verbondenheid met de klasgroep en willen de continuïteit van het leren garanderen.

 

6.3. Welzijnsbeleid

6.3.1.  PREVENTIE EN WELZIJN

Het schoolbestuur en de directies nemen het welzijnsbeleid m.b.t. veiligheid, gezondheid, welzijn en milieu  ter harte .  In het schoolwerkplan is de beleidsverklaring van het schoolbestuur opgenomen. Dit welzijnsbeleid wordt gedragen door alle geledingen van de school . Voor de ondersteuning en het advies kan men rekenen op de medewerking van de interne preventieadviseur .

 

6.3.2. VEILIGHEID AAN DE SCHOOLPOORT

Veiligheid aan de schoolpoort kan pas renderen wanneer ook de volwassenen het goede voorbeeld geven: reglementair parkeren, niet op het zebrapad, het voetpad vrijhouden, zelf het zebrapad gebruiken, de orders van gemachtigde opzichters opvolgen, ...

Wanneer de kinderen aan de schoolpoort worden afgehaald door een ouder, grootouder,

familielid, ... staan zij vanaf dit moment onder hun toezicht en verantwoordelijkheid.

De kinderen die met de fiets naar school komen zien we graag uitgerust met een fluojasje en een fietshelm.

 

6.3.3. MEDICATIE

Wanneer een leerling ziek wordt op school, dan wordt de school een verbod opgelegd om op

eigen initiatief medicatie toe te dienen . De school zal evenwel de ouders of een ander opgegeven contactpersoon verwittigen met de vraag om de leerling op te halen . Wanneer dat niet mogelijk is zal de school een arts om hulp verzoeken.

In uitzonderlijke gevallen kan een ouder aan de school vragen om medicatie toe te dienen aan hun  kind. Deze vraag moet bevestigd worden door een schriftelijk attest van de dokter dat de juiste dosering en toedieningswijze bevat.

Andere verpleegkundige handelingen of medische behandelingen, andere dan via orale (via de mond) of percutane (via de huid) weg, via oogindruppeling of oorindruppeling, mogen niet worden gesteld door ongekwalificeerd schoolpersoneel.  Samen met de ouders zoeken we naar een samenwerking met verpleegkundigen, zoals de diensten van het Wit-Gele Kruis.

 

6.3.4. ONGEVALLEN EN SCHOOLVERZEKERING

De schoolverzekering dekt :

  • de lichamelijke schade aan een leerling overkomen tijdens de schooluren, tijdens een door de school georganiseerde activiteit en op de weg van en naar school.
  • de burgerlijke aansprakelijkheid van de school.

De veiligste en kortste weg van huis naar school en omgekeerd dient door elke leerling rechtstreeks te worden afgelegd, zoniet verliest men bij een eventueel ongeval alle tussenkomst van de verzekering.

Een schoolongeval dient onmiddellijk te worden gemeld aan de directie of de afdelingsverantwoordelijke. U ontvangt een formulier, in te vullen door de behandelende geneesheer, dat binnen de 5 werkdagen terug moet bezorgd worden op school en een formulier voor uw ziekenfonds.  Alle inlichtingen zullen u door de school verstrekt worden.

 

6.3.5. ROKEN IS VERBODEN OP SCHOOL!

Er geldt een permanent rookverbod op school. Het is dus verboden te roken in zowel gesloten ruimten van de school als in open lucht op de schoolterreinen.  Als je kind het rookverbod overtreedt, kunnen we een sanctie opleggen volgens het orde- en tuchtreglement.  Als je vindt dat het rookverbod op onze school ernstig met de voeten wordt getreden, kan je terecht bij de directeur. 

Ook verdampers zoals een elektronische sigaret, heatstick en de shisha-pen vallen onder het roodverbod, zelfs als ze geen nicotine en tabak bevatten. 

 

6.4. Drugsbeleid op school.

  • In geval van (vermoeden van) druggebruik, drugbezit en/of het betrekken van medeleerlingen bij druggebruik, neemt de school contact op met de drugbegeleider regio Zottegem (verbonden aan PISAD). Hierop volgt steeds een persoonlijke en discrete begeleiding van de betrokkene(n) en de ouder(s).
  • Alle partijen sluiten een begeleidingscontract af dat in samenwerking met PISAD en CLB door alle betrokkenen wordt ondertekend. Daarin legt men maatregelen vast om herhaling te voorkomen. Het weigeren of niet naleven van dit contract kan leiden tot het instellen van een tuchtperiode, die eventueel tot definitieve uitsluiting kan leiden en/of het inschakelen van de politie in samenspraak met het parket.
  • Wie betrapt wordt op het verhandelen van drugs (o.a. doorgeven, ter beschikking stellen, verkopen) krijgt tuchtmaatregelen. Ziet men nog mogelijkheden binnen de school, wordt een begeleidingscontract afgesloten. Wie dit begeleidingscontract weigert of niet naleeft, wordt bij tuchtmaatregel definitief uitgesloten. Verhandelen van drugs leidt steeds tot het onmiddellijke inschakelen van de politiediensten en het parket.
  • M.a.w. naast de door de wet voorziene strafsancties kan de school tuchtsancties opleggen wanneer uw kind in aanraking komt met illegale drugs, waaronder de eventuele uitsluiting.Wanneer de omstandigheden dit nog toelaten kan uw kind ingeschakeld worden in een begeleidingscontract dat ertoe strekt maatregelen op te leggen om herhaling van de feiten te voorkomen.
  • Indien er geen vrijwillige medewerking is, indien het begeleidingscontract niet wordt nageleefd en indien praktijken van dealen of andere criminele activiteiten worden vastgesteld, wordt het probleem onmiddellijk voorgelegd aan de drugbegeleider van PISAD die handelt op basis van de afsprakennota preventie-parket.
  • Bovenstaande werkwijze verloopt identiek in alle basis- en secundaire scholen van Zottegem, Herzele en Sint-Lievens-Houtem.

            Alle basisscholen werken reeds geruime tijd samen met het Provinciaal Interbestuurlijk Samenwerkingsverband voor Aanpak Drugmisbruik (PISAD). 

De drugbegeleider voor onze regio is Marijke Van Audenhove.

PISAD regio Zottegem, Herzele, Sint-Lievens-Houtem

Sociaal Huis Pandora

Grotenbergestraat 26

9620 Zottegem.

Tel. & fax: 09 361 36 42

Gsm: 0499 58 84 97

E-mail: marijke.vanaudenhove@zottegem.be

 

6.5. Bijdrageregeling

Het schoolbestuur kan een bijdrage vragen voor:

-    Activiteiten of verplichte materialen die niet noodzakelijk zijn voor de eindtermen en ontwikkelingsdoelen en waarvan de ouders het te besteden bedrag niet zelf kunnen bepalen. Voor deze categorie dient de school een scherpe maximumfactuur te respecteren.
- Voor het schooljaar 2018-2019 bedraagt het geïndexeerd plafond: voor het kleuteronderwijs: 45 euro, voor het lager onderwijs: 85 euro/leerjaar.

De basisbedragen worden jaarlijks aangepast aan de gezondheidsindex van de maand maart van het kalenderjaar waarin het schooljaar begint. Bij die aanpassing wordt het bedrag afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf.

-    Meerdaagse uitstappen. Voor deze categorie dient de school voor het schooljaar 2018-2019 een maximumfactuur van €435 per kind voor de volledige loopbaan lager onderwijs te respecteren. Voor het kleuteronderwijs mag geen bijdrage gevraagd worden. Het basisbedrag voor meerdaagse uitstappen is ook onderworpen aan de jaarlijkse indexering.

-    Diensten die de school aanbiedt en die buiten de kosteloosheid en de maximumfacturen vallen. Voor deze categorie worden de kosten opgenomen in een bijdrageregeling. Deze bijdrageregeling wordt besproken in de schoolraad en wordt bij het begin van het schooljaar meegedeeld aan de ouders. De kosten die aan de ouders worden doorgerekend moeten in verhouding zijn tot de geleverde prestatie.

In bijlage vindt u de lijst van bijdragen die na door het schoolbestuur gevraagd worden aan de ouders voor deelname aan activiteiten en voor gebruik van materialen die niet kosteloos kunnen aangeboden worden.

Voor sommige posten bevat de lijst van de financiële bijdragen vaste prijzen, voor andere zijn er enkel richtprijzen vermeld want we kennen de kostprijs niet altijd vooraf. Het schoolbestuur baseert zich in dat laatste geval op de prijs van vorig schooljaar

Voor scholen van het gesubsidieerd basisonderwijs kan geen direct of indirect inschrijvingsgeld gevraagd worden. Evenmin kunnen er bijdragen worden gevraagd voor materialen die gebruikt worden om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven.  De overheid bepaalt de lijst met materialen die kosteloos ter beschikking moeten worden gesteld om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven.

 

Volgende materialen worden vermeld in de ontwikkelingsdoelen en eindtermen voor het gewoon onderwijs.  Deze materialen zijn verplicht aanwezig op school.

De school stelt de materialen in voldoende mate ter beschikking.  Dit betekent niet dat dit materiaal voor elke individuele leerling aanwezig moet zijn.

Spelmateriaal (OD LO 2.6)

Bewegingsmateriaal (ET LO 3.7)

Toestellen (ET LO 1.9)  

Klimtoestellen (ET LO 1.14)

Rollend en/of glijdend materiaal (ET LO 2.5) 

Boeken (OD NL 3.4)

Kinderliteratuur (OD MV 3.5)

Kinderromans (ET NL 3.5)

Zakrekenmachine (ET WIS 1.26 en 1.27)

Passer (ET WIS 3.5)

Globe (ET WO 6.2)

Atlas  (ET WO 6.11)

Kompas (ET WO 6.3)

Kaarten (ET WO 6.1 bis; 6.2; 6.4;6.7;6.8)

Informatiebronnen (ET WO 7; ET LL 2; ET NL 3.5)

Infobronnen (OD NL 3.4)

Tweetalige alfabetische woordenlijst (ET FR 2.3)

Muziekinstrumenten (ET MV 2.2)

Materialen uit de volgende categorieën worden verondersteld in voldoende mate aanwezig te zijn op school en staan in functie van het nastreven van de ontwikkelingsdoelen of het bereiken van de eindtermen voor gewoon en buitengewoon onderwijs.      

Een school beslist op basis van haar pedagogisch project welke materialen zij wenst te gebruiken.

Schrijfgerief

Tekengerief

Knutselmateriaal

Constructiemateriaal

Planningsmateriaal

Leer- en ontwikkelingsmaterialen

Handboeken,  schriften,  werkboeken en –blaadjes,  fotokopieën, software...

Informatie- en communicatietechnologisch (ICT) materiaal

Multimediamateriaal  

Meetmateriaal

Andere 

Betalingsmodaliteiten:

Afrekeningen:             6x per schooljaar.

Wijze van betaling:     via domiciliëring (uitzonderlijk per overschrijving binnen

14 dagen na factuur)

Indien u na ontvangst van de factuur binnen de drie dagen geen opmerkingen maakt, wordt de factuur als aanvaard beschouwd en wordt de betaling aangevraagd bij uw bank.  De nodige documenten zullen u bezorgd worden.  Indien u problemen ondervindt met het betalen van de schoolrekening, kunt u contact opnemen met de directie. Het is de bedoeling dat er afspraken worden gemaakt over een aangepaste betalingsmodaliteit. Wij verzekeren een discrete behandeling van uw vraag.

Wanneer je laattijdig hebt afgezegd voor een schoolactiviteit of als je kind op dat moment afwezig is, zullen we het deel van de kosten terugbetalen dat nog te recupereren is.  Kosten die we al gemaakt hadden, kunnen we opnemen in de schoolrekening. 

Ouders zijn, ongeacht hun burgerlijke staat, hoofdelijk gehouden tot het betalen van de schoolrekening. Dat betekent dat we beide ouders kunnen aanspreken om de volledige rekening te betalen. We kunnen dus niet ingaan op een vraag om de schoolrekening te splitsen. Als ouders het niet eens zijn over het betalen van de schoolrekening, bezorgen we jullie beiden een identieke schoolrekening. Zolang die rekening niet volledig betaald is, blijven beide ouders elk het volledige resterende saldo verschuldigd, ongeacht de afspraken die ze met elkaar gemaakt hebben.

Indien we vaststellen dat de schoolrekening geheel of gedeeltelijk onbetaald blijft zonder dat er financiële problemen zijn of omdat de gemaakte afspraken niet worden nageleefd, zal de school verdere stappen ondernemen. Ook dan zoeken we in eerste instantie in overleg naar een oplossing. Indien dit niet mogelijk blijkt, kunnen we overgaan tot het versturen van een dwingende herinneringsbrief (aangetekende ingebrekestelling). Vanaf dat moment kunnen we maximaal de wettelijke intrestvoet aanrekenen op het verschuldigde bedrag.

Schulden op school: de kansenpas 

Omdat we vinden dat àlle kinderen recht hebben om deel te nemen aan schoolactiviteiten start onze school samen met het OCMW en het gemeentebestuur van Herzele en de vzw Schulden op School vanaf 1 september 2009 met het systeem van de kansenpas .

Een kansenpas is een systeem waarmee je aan verminderd tarief kan deelnemen aan culturele of sportieve (halve of volle dag) activiteiten op school (sportnamiddag, schoolvoorstelling, schoolreis…). Iedereen in Herzele kan een kansenpas bij de sociale dienst van het OCMW aanvragen.  De criteria zijn bij de sociale dienst gekend.

Voor de aanvraag van een kansenpas kan je terecht bij de sociale dienst van het OCMW van Herzele ( telnr. 053/603314 ). De dienst is open iedere voormiddag van 9.00 tot 12.00 uur, behalve op donderdag ( open van 18.30 uur tot 20.30 uur ). De kansenpas is geldig voor de duur van 1 jaar.  Je brengt best ook alle bewijzen van inkomsten en uitgaven ( huurkosten, dokterskosten,…) mee.   Zet gerust de stap , vragen kost niets.

De vertrouwenspersonen in onze school zijn de directie en de administratief medewerker mevr. Sabine Guillemaere, bij wie elke ouder terecht kan met vragen of schoolgebonden betalingsproblemen.   Alles wat met deze personen besproken wordt , is strikt vertrouwelijk.

De maatschappelijke werkers van het OCMW zullen de vertrouwenspersoon van onze school op een discrete manier op de hoogte brengen dat u van het tarief van de kansenpas geniet . Zo weten de vertrouwenspersonen dat er op de schoolrekening van uw kind telkens een aangepast tarief moet aangerekend worden.

Tarieven

De deelnameprijs aan de in aanmerking komende activiteiten bedraagt met een kansenpas:

  • 1,25 euro voor een halve dagactiviteit
  • 2,50 euro voor een volledige dagactiviteit
  • 1/4 van de kostprijs voor een meerdaagse uitstap

7.1. Engagementsverklaring

Ouders hebben hoge verwachtingen van de school voor de opleiding  en opvoeding van hun kinderen. Onze school zet zich elke dag in om dat engagement waar te maken, maar in ruil verwachten we wel de volle steun van de ouders . Daarom maken we in onderstaande engagementsverklaring wederzijdse afspraken, zodat we duidelijk weten wat we van elkaar verwachten. Deze afspraken gelden voor de hele periode dat je kind bij ons is ingeschreven.

Onze school kiest voor een intense samenwerking met de ouders .

Als ouder ben je samen met onze school partner in de opvoeding van uw kind. Het is goed dat u zicht hebt op de werking van de school. Daarvoor plannen we begin schooljaar een infoavond in de klas van u kind.  U kan er kennis maken met de leerkracht en zijn/haar manier van werken.  We willen u op geregelde tijden informeren over de evolutie van uw kind. We organiseren ook  vaste  individuele oudercontacten.  Data van deze activiteiten worden via  het schoolkrantje en/of een ouderbrief bekendgemaakt.

We verwachten dat u zich als ouder samen met de school engageert om nauw samen te werken rond de opvoeding  van uw kind en steeds ingaat op de uitnodigingen tot oudercontact.

We engageren ons om samen steeds te zoeken naar een alternatief  overlegmoment indien u niet op de geplande oudercontactmomenten kan aanwezig zijn.

Als u zich zorgen maakt over uw kind of vragen hebt over de aanpak , dan kan u op eigen initiatief een gesprek met de leerkracht aanvragen.

Wij verwachten dat u met de school contact opneemt bij eventuele vragen of zorgen t.a.v. uw kind.  Wij engageren ons om met u in gesprek te gaan over de zorgen en vragen t.a.v. de evolutie van uw kind.

Aanwezig zijn op school en op tijd komen.

Je wordt verwittigd bij elke niet-gewettigde afwezigheid.

De aanwezigheid van uw kind op school heeft gevolgen voor het verkrijgen en behouden van de schooltoelage en voor de toelating tot het eerste leerjaar en voor het uitreiken van een getuigschrift op het einde van het lager onderwijs. .

Daartoe moeten wij de afwezigheden van uw kind doorgeven aan het departement onderwijs en aan het CLB.

Wij vragen je als ouder te engageren en je kind op tijd naar school te brengen en dit zowel in het kleuteronderwijs als in het lager onderwijs. De school begint om 08.45u en eindigt om 15.30u.  Wij verwachten dat u ons telefonisch of schriftelijk verwittigt bij afwezigheid van uw kind. Afwezigheidsattesten worden tijdig aan de klastitularis bezorgd.

Het CLB staat in voor de begeleiding bij problematische afwezigheden. U kan zich niet onttrekken aan deze begeleiding.

Je kan steeds terecht bij ons in geval van problemen.  We zullen samen steeds zoeken naar de meest geschikte aanpak.

Individuele leerlingenbegeleiding

Onze school voert een beleid op leerlingenbegeleiding.  Dit houdt onder meer in dat we gericht de evolutie van uw kind volgen . Dit doen we door het werken met een (digitaal) leerlingenvolgsysteem  Sommige kinderen hebben op bepaalde momenten nood aan gerichte individuele begeleiding. Andere kinderen hebben constant nood aan individuele zorg.

Als je kind specifieke onderwijsbehoeften heeft, kan je dit melden aan de directie. Specifieke onderwijsbehoeften is een breed begrip. Het betekent dat je kind mee als gevolg van een fysieke, verstandelijke of zintuiglijke beperking niet zomaar aan het gewone lesprogramma kan deelnemen. De school kan ook zelf aanpassingen voorstellen op basis van de vaststellingen in de loop van het schooljaar. Ook dan gaan we steeds eerst in overleg met jou.  Welke maatregelen aan de orde zijn, zal afhangen van wat je kind nodig heeft en wat wij als school kunnen organiseren.

We zullen in overleg met u als ouder vastleggen hoe de individuele begeleiding van uw kind zal georganiseerd worden . Daarbij zullen we aangeven wat u van de school kan verwachten en wat wij van jou als ouder verwachten.

We verwachten dat u ingaat op onze vraag tot overleg en de afspraken die we samen maken, opvolgt en naleeft.

 

Positief engagement ten aanzien van de onderwijstaal

Niet alle ouders voeden hun kind op in het Nederlands en niet alle kinderen starten hun school-loopbaan met dezelfde taalvaardigheid Nederlands. 

Onze school voert een talenbeleid.  Wij engageren er ons toe kinderen te ondersteunen bij het leren van en het leren in het Nederlands.  Van jou als ouder verwachten we dat je positief staat tegenover de onderwijstaal en tegenover de initiatieven die we als school nemen om de taalontwikkeling van onze leerlingen te ondersteunen (taaltraject/taalbad voor kinderen die de onderwijstaal onvoldoende beheersten).  We vragen ook om kinderen in de vrije tijd te stimuleren bij het leren van het Nederlands.  Vraag ons gerust naar informatie over plaatselijke initiatieven die je engagement daarbij kunnen helpen ondersteunen. 

 

 

Bijdrageregeling voor de ouders.

 

Volledig middagmaal : soep + hoofdschotel + water : 3,60 euro

Drankjes: soep, melk, chocomelk, fruitsap, water: 1 euro

Tussendoortje (alleen kleuters): 1 euro

Turntrui (verplicht vanaf 1ste leerjaar): 9 euro

Tijdschriften Averbode:

Doremini, doremix, doremi: 36 euro jaarabonnement

Zonnekind, Zonnestraal, Zonneland: 38 euro jaarabonnement

Leesknuffel: 39 euro

Robbe en Bas: 30 euro jaarabonnement

Leeskriebel: 30 euro jaarabonnement

Vlaamse filmpjes: 31 euro jaarabonnement

Paas-, Kerst en Vakantieboek: 7 euro per deel

Schooluitstappen: eendaags of deel van een dag

            Kleuterafdeling :    +2 x per schooljaar

            Lagere afdeling :      1ste en 2de leerjaar:. +2 x per schooljaar

           3de en 4de leerjaar:   +2 x per schooljaar

                                               5de en 6de leerjaar:   +3 x per schooljaar

                                                                                           

Boerderijklassen: (facultatief en niet-verplicht): 1e leerjaar:  ±65 euro

Sport- en gezondheidsklassen: (facultatief en niet-verplicht): 2e leerjaar: +25 euro 

Cultuurklassen: (facultatief en niet-verplicht): 3L:  + 20 euro         

Sport- en natuurklassen: (facultatief en niet-verplicht): 4L:  + 25 euro

Bosklassen: (facultatief en niet-verplicht): 5de en 6de leerjaar: ± 160 euro  

(alles inbegrepen)

Zeeklassen: (facultatief en niet-verplicht): 5de en 6de leerjaar: ± 110 euro

(alles inbegrepen)

Film/ toneel/ jeugdauteur:   +2 maal per schooljaar: + 7 euro/voorstelling

Zwemmen: 1e tot 6e leerjaar + 6x: + 5euro/beurt